Heerlijk rustige nacht. Zalige omgeving bij het ontwaken en ontbijt. De opkomende zon zorgde wederom voor mooie plaatjes. Tijdens een toertje met Timber toch nog even stiekem een foto genomen van het vikingmuseum.






Rond 8u45 gingen we rijden. Wij vertrokken toen de rest van de camperbewoners nog sliep. Enkele straten vanaf de camperplek hadden we de Margrietroute weer te pakken, dit keer richting Viborg. We reden voornamelijk door een glooiend landschap, met nog steeds veel graanvelden, maar ook veel bosrijke stukken.
Op de route passeerden we Tjele. Een klein dorpje maar hier staat Tjele Gods: het oudste landhuis van Denemarken. Het rode “Sønderhus” staat er sinds 1392. Het witte hoofdgebouw werd er pas 2 eeuwen later aan toegevoegd. Het landhuis is al 9 generatie in het bezit van één familie: Lüttchau. Op het domein staat ook een kerkje. De inkomdeur was erg zwaar. Binnen was een smeedijzeren deur, een graf en een mooi altaar.



Enkele kilometers verder was er Blomstergårdens. Via een offroad, kronkelend grindweggetje bereikte we de 25000m² tuin. Onderweg er naartoe waren ze erg zuinig met de wegwijzers. Bij het binnenkomen waren we anders toch niet zo gelukkig: de poezen die er rond liepen waren ziek alsook 1 van de honden. De inkom zag er echt niet fris uit. Het was een tuin met heel veel soorten lelies, dahlias, fruitbomen. Een erg groot domein in het glooiend landschap. We hebben door het park gewandeld, maar vonden het toch niet zo geweldig. En het tipte absoluut niet aan wat we op voorhand lazen namelijk dat er de grootste fuchsiatentoonstelling van Scandinavië zou zijn, vele rhododendrons en rozen. Misschien waren we net te vroeg in het seizoen.




Dan maar via een ander grindpad naar de Margrietroute terug.
Zo kwamen we in Viborg aan. Eerst wat slenteren door de oude stad en de autovrije zones. Het was duidelijk dat het zondag was: winkels gesloten en geen volk op straat. Zalig om foto’s te maken, maar dan is het wel minder gezellig.



Viborg was de oude hoofdstad van Jutland. In de 11de eeuw werd het een bischopsstad en was het tot aan de reformatie een religieus machtscentrum met 20 kerken en 5 kloosters. We horen de kinderen al in een kramp schieten. We hebben ze niet allemaal bezocht.
Enkel de Sortebrødre kirke en de Domkirke. De eerste was een sobere kerk, wel mooi. De Domkerk daarentegen was één en al pracht en praal. Vele schilderingen sieren de wanden en plafonds en beelden vele bijbelse taferelen uit. Een Deense schilder, Joakim Skovgaard, maakte ze. Van de oorspronkelijke kerk uit 1130 blijft alleen de crypte over. Door verschillende branden werd de kerk in de 19de eeuw na afbraak opnieuw opgebouwd in dezelfde Romaanse stijl als de oorspronkelijke kerk.






Onze lunch aten we aan het water aan de rand van het Borgvoldpark. Even verderop was een brug die Nørresø en Søndesø van elkaar scheidt. Opvallend is de bebouwing aan de oevers van dit water. Bij Nørresø staat er hoofdzakelijk oudere gebouwen, bij Søndesø is dit eerder nieuwbouw met hoge flatgebouwen.


Om de drukke straat over te steken die over de brug loopt, kan je als voetganger onder de brug door en dit over een hangbrug die vastgemaakt is aan de bovenliggende brug. Op de weg terug naar de auto ook even door het Borgvoldpark gewandeld. Een mooi aangelegd park. Bij de kiosk daar onszelf getrakteerd op een ijsje. Het was duidelijk dat zondag familiedag is in Denemarken.
Van Viborg ging het dan naar onze huidige slaapplek: het parkeerterrein van Kongenshus Mindepark. Een herdenkingspark voor de eerste heideboeren.


Hun namen staan in stenen gehouwen en dit per district en per parochie. Je kan het pad afwandelen naast deze stenen. Bij onze aankomst trok OLLI veel aandacht van 1 grote familie. Ze vonden het geweldig en namen ideeën mee om hun plannen te realiseren. Wij besloten om toch ook nog een wandeling te maken door het mooie heidelandschap dat bekend staat als Denemarkens mooiste en kenmerkende fauna- en floragebied. We volgden de gele route. Hierdoor startten we op het hiervoor beschreven pad. Verderop was het echt een smal paadje door het gras en de heide. We moesten 2 maal over (schrik-)draad stappen, wat niet zo evident was met Timber. De eerste maal kroop hij tussen 2 draden (blijkbaar dan toch geen stroom), de volgende keer sprong hij over de draad. Best knap.



Bij aankomst na onze wandeling nog even de uitkijktoren beklommen. Aan de voet van de toren waren ook hier enkele families aan het picknicken. Vanaf dat de parking was leeggestroomd, staan we hier alleen. Op het domein, een beetje achterin staan nog een aantal houten shelters rondom een vuurkring. Ook een huis met rieten dak maakt deel uit van het geheel en biedt de mogelijkheid om in het huis tegen betaling te overnachten. Wij genieten bij de ondergaande zon van ons plekje.


