Categorie: 2026 Zweden

LuleƄ

Een niet zo grote stad die in de streek vooral gekend is om zijn staalindustrie. Het erts komt van de groeven bij Kiruna, het staal vertrekt over zee naar heel Europa. Ondanks dat wij over vele delen van de bevroren Golf konden wandelen en zelfs rijden, heeft de stad 4 ijsbrekers in dienst die de zee openhouden tijdens de winter.In deze stad heeft Facebook een datacenter. Het is 1 van de 6 wereldwijd. Deze centra hebben nood aan koeling en veel elektriciteit. Laat nu dat best haalbaar zijn in een stad als LuleĆ„. Het is er 6 maanden best koud zodat de koeling makkelijker gaat en omwille van de vele waterkrachtcentrales in de buurt is de elektriciteit best goedkoop. In de winter, meer bepaald in februari is de stad het centrum voor sport. Eind februari vindt er een groot schaatevent plaats. Hier vestigde zelfs een Nederlander een wereldrecord: hij schaatste aan bijna 100km/h, wel achter een auto en beschut voor de wind. Veder vindt er iets eerder ook de enige marathon ter wereld plaats die op ijs wordt gelopen. In Boden, iets noorderlijker dan LuleĆ„, wordt de eerst CO2- uitstootvrije staalfabriek gebouwd.In de omgeving van de stad bevinden zich ook verschillende testcentra van de meeste bandenmerken. De extreme koude en de goedkopere gronden zorgen voor ideale testplaatsen.Onze ervaringWe waren het alle 6 over eens dat dit een geweldige week was. Onze gehuurde woning bleek echt een schot in de roos, gerieflijk en ruim. Onze goede voorbereiding, ook wat kledij betreft, loont echt wel. De activiteiten georganiseerd door en door ons geboekt bij Explore LuleĆ„ waren super. De gidsen leidden alles in goede banen. De fika’s waren lekker en door de warme vruchtensappen eens wat anders dan met koffie en/of thee. Het was fijn dat zij open stonden voor leuke gesprekken waardoor we toch meer over de winters en de achtergronden te weten kwamen. Ook nu werden we telkens opnieuw verrast met de warmte die Zweden geven eens ze zich openstellen voor anderen. Wij merken wel dat aankomen rijden met onze camper, deuren of zeker gedachten opent.De vluchten van en naar werden door de jeugd als goed ervaren. De auto die we huurden voldeed aan alle voorwaarde en bracht hen veilig op de nodige plekken.Voor onszelf was de tocht naar en van het Noorden een hele ervaring. De wegen lagen er beter bij dan we hadden gedacht. De ene slaapplek was al beter dan de andere. Stroom hebben we in de winter wel nodig tijdens de nacht want met het weinige licht doen de zonnepanelen niet echt veel. Koken in de camper met het gasvuurtje lukt als het niet te koud is. Binnen koken met de benzinebrander is geen optie, deze kan in het begin wat hoge(re) vlammen geven wat niet zo veilig is binnen in de auto. Slapen bij zeer koude temperaturen lukte zonder problemen mits extra fleecedekens en wat extra kledij. De aanpassing aan de weinige uren zonlicht ging ook nog wel. Wanneer de zon onderging, gaf het lichaam een signaal dat het bedtijd was. Blijkbaar is wat we ervaarden niet zo ongewoon. Ook de lokale bevolking is geneigd om rond 15u een powernap te doen. We mogen hierbij niet vergeten dat we al onze dagactiviteiten in het daglicht hebben kunnen doen, wat waarschijnlijk toch net een ander beeld geeft van de donkerte.Is er een kans dat we nog teruggaan in de winter: absoluut. Maar dan niet meer op deze manier van uitsluitend kilometers doen over de snelweg. Dan zal het net als in de zomer met tussenstops zijn om wat te wandelen of iets te bezoeken, liefst ook met wat kleinere wegen. We hebben gemerkt dat dat met de auto prima gaat. De tijd nodig om de spikes in en weer uit de banden te halen, loont wel voor de wegzekerheid die ze bieden op de meer besneeuwd wegen. Jammer dat dat erg moeilijk is onderweg omwille van de tijd die nodig is en het fijner is om dit binnen te doen. De Zweden zelf doen dit ergens in oktober en halen ze er eind maart weer af of kopen ineens banden met de spikes erin. We zagen verschillende auto’s waarbij er 4 banden zonder spikes op het dak lagen. Dit is voor ons geen optie omwille van het extra gewicht. Hebben we tekortkomingen ontdekt bij de camper? Ook hier moeten we ja op antwoorden: meer verlichting, zowel voor (om ’s avonds wat te lezen) als achter. Maar ook een betere verwarming voor in de auto. Het dieselkacheltje doet het prima om de auto, zeker naar achter, te verwarmen, maar minder naar voor toe.

27 januari 2026

Vroeg uit de veren want we willen de spits rond Hamburg vermijden. Rond half 8 kunnen we dan op weg voor het laatste stukje van de terugreis. De wegen liggen er gelukkig goed bij. Nat met een stevige dosis zout, maar geen sneeuw. De omgeving is nog wel wit. Wonder boven wonder is de drukte rond Lübeck ongeveer nihil en zijn we 2 uur later vlot de ring om Hamburg gepasseerd. Iets voor Bremen houden we even een koffie/theepauze.

De gevreesde file bij de werken voor aldaar blijft uit, we rijden tegen 60 km/h langs de werken. Oef. Onderweg zien we meermaals een groepje reetjes. We raken de tel kwijt. Iets voor bij Osnabrück lunchen we. Hier zien we ongeveer de laatste sneeuw. In elk geval met al veel grassprieten ertussen. Tegen half 2 rijden we dan ter hoogte van Hengelo/Enschede Nederland binnen. De sneeuw is nu echt weg. De akkers zien er weer groen of ros uit, koeien en schapen staan weer buiten. Via Enschede gaat het over Apeldoorn naar Arnhem. Onze eerste intentie is over Eindhoven te rijden, maar de situatie om Antwerpen ziet er niet echt rooskleurig uit.

Dan gaat het maar over ’s Hertogenbosch naar Breda en dan volgen we Roosendaal en Bergen-op-Zoom. Ter hoogte van de Liefkenshoektunnel is het erg druk in onze richting. In de andere rijrichting is het gewoon stilstaan, later merken we dat dit al zelfs vanop de expressweg is.Op alle in- en uitvalswegen van de haven staan rijen vrachtwagens achter elkaar. We geraken nog vlot door de Beverentunnel maar krijgen dan toch ook te maken met file. Ook op de afrit Vrasene is het erg druk met vrachtwagens. Wanneer we weer met het geweldig wegdek in Verrebroek kennismaken, wordt de drang om rechtsomkeer te maken erg groot. We stoppen nog even in De Klinge voor de standaard frietjes en keren dan huiswaarts. Als we dan de wegenkaart van Antwerpen bekijken zijn alle invalswegen roodgekleurd. Wij laden de auto uit en Timber krijgt een eerste ā€œthuiswandelingā€. Het was een mooi avontuur met prachtige herinneringen.

26 januari 2026

Ook vannacht sliepen we best goed ondanks de koude. Een gelijkaardig scenario als gisteren duikt op bij het aankleden. Gelukkig kunnen we warm water halen in het toiletgebouw en water koken in de camper. Dat scheelt nu we kunnen ontbijten met koffie en thee. Ik maak nadien nog een wandeling met Timber. Ik vertrek langs de langlaufsporen en duik dan het bos in. In de sneeuw vind ik verse sporen van een haas, reetjes en waarschijnlijk een vos alsook wroetplekken waar op zoek werd gegaan naar eten. Timber vindt het erg spannend en blijft aanhoudende zitten al snuivend met zijn neus de lucht in. Er zit dus duidelijk wild.Terwijl de buitentemperatuur nog steeds -6°C aangeeft, gaan we met daglicht op pad.

Het rijdt toch aangenamer dan in het donker. Langzaamaan verdwijnt de sneeuw. We passeren GrƤnna. Deze plaats is de bakermat van de roodwit gedraaide zuurstokken, typisch aan Zweden. Je kan ze hier zelf ook maken. Eens richting Jƶnkƶping rijden we langs het VƤtternmeer, het tweede grootste meer van Zweden.

We zien hier licht golvend water, van ijs of sneeuw geen spoor meer. Hoe meer we richting Helsingborg rijden, hoe minder sneeuw we zien. We nemen nog een koffie/theepauze op een parking. Ze komt ons wel erg bekend voor en we herkennen ze van een eerdere trip, vermoedelijk richting Finland. Gelukkig is het in onze richting niet echt druk. In de tegenovergestelde richting zien we heel veel gelijkaardige auto’s rijden met veel oranje lichtjes aan het bagagerek op het dak en veel stickers op de zijkant. Na wat opzoekwerk blijkt het om de Carbage Run te gaan. Een door Nederlanders georganiseerde vijfdaagse rit door Zweden en Noorwegen toegankelijk voor Belgen en Nederlanders met auto’s waarvan hun dagwaarde niet groter dan 1000 euro is. Op de heenweg zagen we al auto’s met stickers van Scandic Run. Toen we dat opzochten bleek dit ook door Nederlanders georganiseerd. We kwamen de crew tegen ter hoogte van de Storforsen. Op dat moment reed de run voor Duitsers, de run voor Nederlanders is vanaf 30 januari voor een week.Net voor Helsingborg ter hoogte van ƅstrop houden we bij een Maxi ICA halt. Bij het postpunt post ik een brief naar een klasgenoot die BelgiĆ« voor Zweden ruilde en gaat de nummerplaat van de Zweedse auto ook op de post. Deze laatste hebben we al vanuit Nederland proberen opsturen maar deze komt telkens retour. Als pakje kan het niet worden verzonden omdat wij geen adres in Zweden hebben, maar als brief lukt het blijkbaar wel. Naast de winkel ligt een restaurantje, we gaan er voor de dagenslunch. Het is een aziatisch buffet, ondanks dat het geen Zweeds eten is, smaakt het wel en kunnen we er weer tegen voor vandaag.

Ik laat Timber nog uit en die ontdekt weer gras onder zijn poten op de stroken tussen de parkings van de verschillende winkels. En dan gaat het richting Malmƶ en de Ɩrensundbrug. Iets voor 15u passeren we tolhuisjes en gaan we op de brug naar Denemarken. Hoe vaak we hier al reden, het blijft speciaal. Eens aan de andere kant van de brug ter hoogte van Kopenhagen, is het druk. Het begint ook te sneeuwen. We komen de spits hier goed door maar merken wel dat het verkeer richting boot niet meer zo hard vlot. De sneeuw blijft hevig vallen, de baan geraakt onder gesneeuwd waardoor het inderdaad zwaarder rijden wordt. Eens de splitsing naar Odense voorbij is er nog maar 1 rijstrook redelijk berijdbaar. De linker rijstrook is, evenals de pechstrook, dicht gesneeuwd. Onze lampen geraken ook bedolven onder de sneeuw waardoor op de onverlichte snelweg, ons zicht helemaal niet zo goed meer is. Door de aanhoudende sneeuw hebben we even geen last meer van zoutaanslag op de voorruit. Aan de kant gaan om lampen schoon te maken is geen optie, op- en afritten zijn niet zichtbaar en kleine uitwijkstroken onherkenbaar. We halen, 2 uur later dan voorzien, gelukkig wel de boot. Om iets over 18u kan het inschepen beginnen. Veel auto’s gaan er niet mee, vrachtwagens daarentegen wel. De voorkant van de auto boven de voorruit, is volledig bedekt met sneeuw. De voettreden ook. We trekken even naar boven en drinken een thee en koffie (gratis, hoort bij ons ticket). Wanneer we weer op het autodek komen is dit veranderd in 1 grote plas. Bij de meeste auto’s is de sneeuw eraf gevallen. Het is nog even wachten voor de beschermende deuren openen en dan kunnen we van boord.

Eens van boord, rijdt het in de haven nog erg slecht. Gelukkig is de weg die volgt sneeuwschoon en rijdt het, ook al is het niet verlicht, best goed. We rijden nog een uurtje naar een slaapplek nabij Oldenburg, tussen Puttgarden en Lübeck. Een betalende camperplek, op de parkeerplaats van een museum, met stroom. Ik laat Timber nog even uit in de buurt en dan is het bedtijd.

25 januari 2026

Na een erg goede nachtrust bij een temperatuur van toch -10°C was het even een strijd om weer aangekleed te geraken: alles voelde erg koud, zeker als je uit een warm bed komt. Normaal is er condens aan de zijkant, vandaag was dit ijs. Water koken bij deze temperatuur was niet echt een optie. We besloten dan maar naar de maxi ICA te gaan om een kop koffie/thee te halen bij het koffiebarretje dat zich daar meestal aan de ingang bevindt.

Jammer genoeg gaat dit op zondag pas om half 9 open en niet om 7u zoals op een weekdag. Dan maar snel iets eten in de auto, een warme drank volgt later dan wel. Iets over negen moeten we tanken en kunnen we koffie en thee drinken in de shop die er zich bij bevindt. Ondertussen bekijken we het assortiment en vinden wel erg lokale smaken voor ijsjes.

Dat de wegen er soms verraderlijk bijliggen, merken we nog maar eens wanneer we een auto op zijn dak zien liggen en niet veel later de snelweg aan de overkant is afgesloten voor een omgekantelde vrachtwagen.Wanneer we de omgeving van GƤvle naderen, besluiten we om bij IKEA te gaan lunchen. Deze zijn in Zweden ook standaard op zondag open. Bij het parkeren van de auto is de parking nog zo goed als leeg. We worden dan ook vlot in het restaurant geholpen. Al snel loopt dat vol en wordt het er behoorlijk druk. Het smaakt in elk geval en we hoeven vanavond niet meer te koken.

Bij het buitengaan nemen we nog een ijsje aan 7 kronen het stuk, daar kunnen we niet voor sukkelen. Na een wandeling met Timber, vatten we onze reis weer aan. Ondertussen staat de parking tjokvol. Echt boeiend is het niet. We merken dat de hoeveelheid sneeuw verminderd, de wegen liggen er beter bij. Af en toe zien we in de verte wat hertjes. Sommige waters zijn alweer zichtbaar. Doordat het smeltwater in combinatie met het strooizout de ramen voortdurend bevuild, geraakt onze ruitensproeiervloeistof op, ook al was hij gisteren nog aangevuld voor vertrek. Aan een volgend tankstation kopen we een nieuwe voorraad. Er kan weer naar hartenlust gesproeid worden. Terwijl we rijden krijgen we wat blauwe wolken te zien en zelfs even de zon. Deze gaat hier in deze zuidelijkere regio gelukkig pas na 16u onder. Dat scheelt weeral bij het rijden. In de schemerdonker terwijl het sneeuwt, missen we een afslag en moeten daardoor een stukje over een wat kleinere weg rijden. Hierdoor komen we op een soort weg die ons nauwer aan het hart ligt. Een tegenligger passeert en zet zijn grote lichten aan. We vinden het gek maar niet veel later begrijpen we waarom: enkele hertjes worden gespot. 1 is al over en 1 steekt over voor onze auto. Aan de andere kant van de weg staan er nog zeker 6. Het blijft toch een moeilijke opdracht om in het donker te rijden.

Na nog een korte pauze voor iedereen kunnen we tot onze slaapplek rijden in Ɩdeshƶg. We staan hier op een camperplek met stroom, wc en eventueel douche en dit bij de plaatselijke skiclub. We komen hier rond half 7 toe bij -9°C. Terwijl we hier zitten, zien we enkele auto’s aankomen, langlauflatten van het dak en nog even een rondje door het bos. Ik laat Timber uit in het bos en loop langs de loipen. Het pad is helemaal verlicht, dat scheelt. Aan de reactie van Timber te zien, zit er toch iets van wild in de buurt, het houdt zich hoe dan ook stil in mijn aanwezigheid. We maken nog snel een knolseldersoep warm, schrijven het blog en kruipen dan in bed.

24 januari 2026

Als ik bij het ontwaken op de thermometer kijk, dan geeft die op dat moment -22°C aan. Dat is best frisjes. Vooraleer iedereen wakker is, probeer ik er voor te zorgen dat alles wat al kan klaarstaan om in de camper te gaan, klaarstaat. Als Leon wakker wordt, worden de laatste bakken bij de anderen gevoegd. Dan duffel ik me goed in en ga met Timber op pad. Leon zal ondertussen al zoveel mogelijk op de juiste plek in de camper zetten. Het is inderdaad koud. De wind dringt zelfs door alle laagjes door, maar eens even buiten, gaat het toch wel. Ik wandel een laatste keer over het bevroren water en geniet van de zonsopgang. Timber van de vers gevallen sneeuw. Onze angst bij de voorbereiding was nergens voor nodig, de sneeuw blijft gewoon niet aan zijn haren kleven of nestelt zich niet tussen de kussentjes. En vermits ze in de omgeving van het huisje geen zout strooien, heeft hij ook daar geen last van. We ontbijten nog een laatste keer samen en brengen de overgebleven spullen naar de camper. We zetten tijdig Timber in de camper zodat die gerust is en tevens tot rust kan komen en het voor ons allen even makkelijker is om in en uit het huis te lopen. Nog een laatste check en dan is het afscheid nemen van de jeugd.

Zij zullen het allerlaatste opruimen en opkuisen voordat ze naar de luchthaven gaan. Het weer zit ons wel mee. Het is altijd fijner om te rijden met zon dan met regen.

Vandaag levert de zon alvast erg mooie schilderijen op. De opgaande zon geeft een prachtige oranje gloed over de bomen. Een zonnebril is af en toe echt nodig, want dit keer rijden we zuidwaarts. Onderweg komen we nog een noordelijke houthandelaar tegen met het bordje:’Norra Timber’. Ter hoogte van UmeĆ„ nemen we een pauze aan een groot winkelcomplex. Daar vinden we restaurant Roberto en gaan er lunchen.

Na de lunch ook een tankbeurt voor de auto en brokjes voor onze Timber. Daarna een wandeling in de verse sneeuw op een pad evenwijdig aan de E4. Ook nu is de zon van de partij maar dan ondergaand. Hoe zuidelijker we komen hoe minder het weer wordt. Traag maar gestaag wordt het sterrenstof echte sneeuw en komt de baan er minder goed bij te liggen. 1 rijstrook is zo goed als altijd berijdbaar. Het linker baanvak is dat minder. Zeker met de invallende duisternis is het niet fijn rijden. We houden nog even halt ter hoogte van een tankstation en drinken koffie en thee in de auto. Het is toch echt wel te koud om dat buiten te doen. Timber krijgt nog een wandeling in de straten omheen het tankstation en dan kunnen we op pad voor het laatste stuk op zoek naar een camperplek. We vinden er 1 online in HƤrnƶsand. Op het moment dat we hier rondrijden beseffen we dat we hier op de heenweg geluncht hebben. Na wat rondrijden vinden we de camperplek. Ze is echter niet bereikbaar door de sneeuw die op de plekken ligt. Het gedeelte met wc en douche en de elektriciteit zijn gesloten. We staan nu voor de gevel van de buren, een taxibedrijf. Ik heb het netjes gaan vragen en het was geen probleem. Jammer genoeg zonder elektriciteit of wc maar we zullen ons wel redden. Terwijl wij met de auto de terugkeer aanvatten, nam de jeugd het vliegtuig. Rond 13u45 stegen ze op in LuleƄ, om ruim over 3 te landen in Stockholm. Iets over half 6 ging het dan richting Schiphol Amsterdam.

23 januari 2026

Vrijdag, onze laatste actieve dag met vandaag als doel: ijsvissen. We rijden na de ochtendroutine voor de laatste maal naar het centrum. Nadat we de auto geparkeerd hebben, maken we op de weg kennis met het kleinste wilde dier in Zweden: de dwergspitsmuis. Als een zwarte Speedy rent deze amper 5cm grote muis voor onze voeten over de sneeuw. Eens in het centrum zelf hijsen we ons nog eens in de warme overalls en gaan met de boren en rendierhuiden op weg naar de bevroren Golf.

Het wandelt niet zo vlot met die dikke overalls, maar het is wel mooi en leuk. Eens op het meer krijgen we de instructies hoe te boren. Eerst wat sneeuw wegschuiven, dan de boor zetten. Tijdens het boren moeten we op 1 handvat gewicht/druk zetten en met het andere draaien. Langzaam maar zeker dringt de boor dieper in het ijs. Af en toe wordt er gestopt om ijs uit het gat te halen. Dan verandert het geluid, moeten we wat meer kracht zetten en plots schiet de boor dan door het ijs, we zitten dan ongeveer 1m dieper. Een klots water neemt het laatste restje ijs mee naar boven. Met een klein schepje vissen we de nog overgebleven brokjes ijs uit het gat. De gids haalt de megavislijn boven en geeft instructies hoe ze te gebruiken. Eerst de maden aan het haakje, dan de lijn laten vieren tot de bodem en weer een stukje ophalen. Vanaf nu moet je met de vislijn telkens maar weer even op en neer bewegen. En daar zitten we dan met z’n allen op een rendiervelletje met onze lijn op en neer te bewegen. Gelukkig krijgen we nog lekkers en warm svart vinbƤrsap (= cassis). Ook nu smaakt het weer. Na ruim anderhalf uur op het ijs is het tijd om op te kramen. Niemand heeft een visgevangenmaar gelachen hebben we zeker! Lijnen worden opgehaald, hengels opgeborgen, rendierhuiden opgerold. Zo kunnen we dan weer terug richting centrum. Eens daar wurmen we ons uit onze overalls, hangen ze weer op hun plek en maken ons klaar om afscheid te nemen. Dan verschijnt onze gids weer: we krijgen ieders een magneetje van het noorderlicht als herinnering als ook een verpakking gedroogd en gerookt rendiervlees. Hoe fijn is dit. En dit na een zo’n geweldige week met toffe gidsen, waarin we mooie, warme mensen ontmoetten en leuke, goed ondersteunde activiteiten konden doen. We kregen dit als dank omdat we zo’n fijne, toffe familie waren, bereid om mee te denken en doen op alle activiteiten. Een warm gevoel aan beide kanten dus. Dank je wel Explore LuleĆ„.Als lunch rijden we op algemeen verzoek nog eens langs restaurant Waldorf. Ook deze keer smaakt het buffet en verlaat iedereen met een goed gevulde maag de tafel. Vanaf hier wandelen we nog naar het water. Daar bevinden zich de letters LULEƅ. We maken wat foto’s en daarna vermaakt de jeugd zich nog wat op het ijs: glijden, sneeuwengels maken, schrijven in de verse sneeuw op het ijs… We staan versteld hoe glad en egaal het ijs is. Nu begrijpen waarom er hier eind februari ijs- en schaatsfeesten zijn.

Voor vertrek in het centrum kregen we nog een tip van onze gids: een ijsweg. Deze weg wordt in de winter een officiĆ«le weg met tonnage- en snelheidsbeperking. Het is nog een 20 minuten rijden van de lunchplek. Onderweg worden de auto’s volgetankt en gaan we verder. Het geluk is met ons want opeens klaart de lucht op en krijgen we nog mooie beelden. Het is toch wel een leuke ervaring zo over het ijs rijden.

We maken nog wat foto’s en keren dan huiswaarts. Onderweg even een stop bij de COOP voor de laatste inkopen. Eens thuis wordt het inpakken en opruimen geblazen. Leon haalt de spikes uit de autobanden, hier kan het droog anders moet het onderweg. En eens iedereen het nodig heeft ingepakt, worden de spelletjes nog eens bovengehaald. Een lichte maaltijd en nog meer spelletjes maken de dag compleet. Uiteraard wordt Timber tussendoor niet vergeten.

22 januari 2026

Vandaag rijden we naar RĆ„neĆ„, naar Toms sleddogs: hondensleeĆ«n. We zijn iets vroeger op de afspraak en komen aan wanneer Tom de honden nog volop aan het klaarmaken is. Wanneer we uit de auto komen worden we begroet door een bende honden, de ene al wat enthousiaster dan de andere. Wat een welkom. Op voorhand hadden we afgesproken om niet zelf met de slee te rijden, maar ons te laten rijden. Er worden daarom 2 sleden klaargemaakt, telkens 10 honden per slee. Het zijn Alaska-husky’s. Het ras is een mengeling van onder andere de Siberische Husky, Alaska Malamut en Greyhound. Ze worden vooral gekweekt voor hun snelheid en dienen niet te voldoen aan bepaalde standaards wat kleur, stand van de oren enzo betreft. Het lijkt eerder een allegaartje wat er voor ons staat. De leider in het span wordt links vooraan geplaatst.

We verdelen ons uiteindelijk in 2 groepjes: de ā€œlichtere groepā€ gaat met Maria (vrouw van), de anderen met Tom. Deze laatste heeft een troep honden die iets sterker zijn. Onder veel ongeduldig geblaf geraakt alles dan klaar voor vertrek. We zetten ons dicht tegen elkaar op een rendierhuid met de benen over en naast de slee (zoals op een paard) en de voeten op de glijdende onderkant. De voorste krijgt nog een deken. Voeten dienen te allen tijde op de planken te blijven en de tippen naar voor, dit om te vermijden dat bij smalle stukken de tippen een rots of zo zouden raken. En dan vertrekt de slee en is het ineens muisstil. De honden genieten, wij eigenlijk ook ondanks de snijdende, koude wind. Eerst over het bevroren meer achter het huis en dan door het bos. Af en toe over een heuvel of wat gestuiter van de slee. Onderweg zien we de honden tussendoor naar sneeuw happen, als afkoeling. Wordt er gestopt dan duikt de hele bende in de sneeuw of rolt zich door de sneeuw, ondanks de vriestemperatuur buiten, hebben de honden deze afkoeling nodig. Als je dan naar de voorkant van de slee kijkt, lijkt het net of er een zwaar accident is gebeurd. Bij een kleine pauze worden we getrakteerd op een bekertje glƶgg (een warm kruidendrankje), het verwarmt ons even. Na terugkeer van onze tocht houden we halt bij een achthoekig huisje op het erf en worden we getrakteerd op koffie, thee en kanelbullar bij een knisperend houtvuur. Het is nodig om ons even weer op te warmen. En net als de vorige dagen hebben we nog een leuke babbel, dit keer met de eigenaars. Wederom een geweldige ervaring.

Eens thuis komen de gezelschapsspelletjes weer boven, nemen we allemaal een verwarmende douche en maken we ons klaar voor het etentje in restaurant Museet, gelegen op het domein van het centrum en waar enkel met lokale producten wordt gekookt. Het is een klein restaurant voor maximum 25 personen maar wij krijgen een mooi gedekte tafel in het midden van het restaurant dat gewoon voor ons 6 is. Niemand anders. Als aperitief krijgen we een soort prosecco gemaakt van hjorton (of cloudberry of kruipbraam), het is wat zurig bij de start maar daarna smaakt het wel. Ons voorgerecht is een tartaar van rode biet met gefrituurde kappertjes en een dressing. Bij het hoofdgerecht worden we getrakteerd op rendierfilet met zoete aardappelpuree, gefrituurde boerenkool en rode wijnsaus. Hoe lekker is dit. Tot slot worden we verrast met het dessert in een authentieke kuksa (houten drinkbeker). Een cheesecake-achtig dessert gemaakt van bruine kaas en gecombineerd met frambozengelei en als topping gekarameliseerde kaas en witte chocolade. Een gewaagde combinatie maar het is best lekker. Tot slot praten we nog een tijdje met de kok. Bij het buitenkomen arriveert er een bus met mensen die de tipitent op het meer gereserveerd hebben om daar te eten als een vorm van ā€œartic dinningā€. Dit hadden we eerst in gedachte maar alles was volzet, toch zijn we meer dan tevreden met het alternatief, gezellig met ons 6 lekker eten. Voldaan rijden we naar huis nadat we eerst nog een foto van een andere Defender naast ons op de parking maakten.

21 januari 2026

Vandaag kan iedereen wat uitslapen want we worden pas tegen half 10 opgehaald. Op het programma staat een autorit van dik 1uur richting Storforsen, een natuurreservaat. De bedoeling is dat we daar een wandeling in de buurt van een waterval maken en daarna ook een lunch hebben. Op de rit ernaartoe zien we en kleine kudde rendieren de straat oversteken. Zeker de witte is goed gecamoufleerd in de sneeuw. In de zomer heeft dit dier veel meer problemen wat camouflage betreft en valt daardoor gemakkelijk ten prooi van de roofdieren/-vogels.

Onder het rijden klets ik gezellig met de chauffeur. Eens aangekomen trekken we gepakt en gezakt met het eten, hout en rendierhuiden richting grillplek. We laten daar alles achter en gaan op wandel richting het water. Eigenlijk is dit geen waterval maar een stroomversnelling in de rivier Pite, 1 van de 5 natuurrivieren in Zweden. Dit wil zeggen dat er langs deze rivier geen waterkrachtcentrales mogen gebouwd worden. Met steun van de EU proberen ze de rivier terug in hun oorspronkelijke staat te herstellen want veel vroeger is de rivier verbouwd en verlegd om er voor te zorgen dat het hout op een makkelijkere manier naar de monding zou kunnen drijven. Tijdens de rondwandeling passeren we een groot gat. Dit kreeg in de volksmond de naam van reuzenpot. Het is een groot gat dat door een steen en het kolkende water werd gemaakt, maar vroeger dachten de mensen dat het een pot was die door reuzen werd gebruikt om in te koken.

Een leuke anecdote voor een natuurverschijnsel. Uiteindelijk hebben we het rondje daar gelopen en zijn we terug aan de grillplek. Terwijl de gids alles klaarzet gaat de jeugd nog wat foto’s nemen. Leon en ik kijken toe.

Vandaag staan wraps met groenten en rendiervlees op het menu. Het vlees wordt gebakken in een kookpot. Wij voegen er wat ajuin aan toe, de gids de nodige kruiden. Het vullen van de wraps mogen we zelf doen. Ik heb van thuis nog appels meegebracht, we leggen ze bij op de grill. Een tweede portie vlees wordt nog gebakken.

Als dessert zet hij Zweedse koffie. De gemalen koffie (grover gemalen dan anders omdat hij moet kunnen bezinken) wordt in de ketel gedaan samen met water. Dit mengsel wordt dan 3x aan de kook gebracht en als het klaar is via de teut gegoten. Om te voorkomen dat er teveel drab mee in een kop terecht komt, wordt een stukje dennengroen in de teut gebruikt als filter. Leon en de gids gaan voor de koffie, de rest drinkt thee.

Uiteraard gecombineerd met kanelbullar. Deze werden gegeten samen met de warme appels. Eens de buikjes gevuld, vatten we de terugweg aan richting minibus, klaar voor weer eenzelfde lange rit, dit keer terwijl de zon langzaam ondergaat. De achterbank is in diepe rust op weg naar huis. Eens thuis sluiten we de avond af met gezelschapspelletjes en kruipen daarna vroeg onder de wol.

20 januari 2026

Na de ondertussen gewone ochtendroutine, rijden we wederom naar het centrum. We zouden vandaag enkele Sami ontmoeten en de mogelijkheid krijgen om rendieren te voederen. Aangekomen aan het centrum komt er een auto met een diertrailer aangereden. Hier is toch iets fout gelopen in de communicatie. Ik praat het onderwerp aan en uiteindelijk krijgen we groen licht om toch naar de mensen thuis te rijden.

Eerst heb ik het idee dat de man in kwestie het niet zo fijn vind, maar aangekomen op hun erf is hij en zijn vrouw erg gelukkig dat we onze been stijf hebben gehouden. Dit vinden ook zij veel fijner. We worden vriendelijk onthaald door de hond des huizes, daarna ook door de eigenaars. Al snel trekken we naar de kraal. Het is even spannend of de kleine groep rendieren toch terug zou keren, want ze kregen ’s morgens al eten en reageren alleen op mensen als ze eten krijgen. Toch lukt het. Iedereen zet zich op zijn hurken om zo de dieren gemakkelijker te kunnen lokken en te voorzien van mos. Dit is eigenlijk het enige dat de rendieren eten. Meestal verzamelen deze Sami het zelf in de zomer maar momenteel hebben ze aangekocht mos dat ze hun dieren geven. Na het voederen zetten we ons rond het vuur. De jeugd waagt zich aan het lassowerpen en probeert de lasso om een gewei van rendier te werpen. Ik praat ondertussen met de dame. We krijgen een uitleg over de opbouw van de lavvu, de traditionele, kegelvormige tent die wordt gemaakt van stokken en rendierhuiden. vooraan aan de ingang gebeuren de vuile zaken zoals schoenen uitdoen, de hond eten geven, bij slecht weer wassen,… daarachter bevindt zich de plek waar je eten klaarmaakt en waar alles ligt dat je daarvoor nodig hebt. Links of rechts van de ingang, dit verschilt voor elke familie (hier links) zitten de bewoners van de tent, de bezoekers zitten rechts (hier). Voorts krijgen we te horen dat wanneer de grootmoeder haar jongste kind op de wereld zet, we spreken dan van 1956, er dan pas toestemming aan de Sami werd gegeven om een gebouw neer te zetten. Tot dan waren de Sami verplicht om als nomade te leven. Kinderen moesten daarom naar een internaat en mochten enkel met de vakanties naar huis. De jongste tante hoefde niet naar het internaat en mocht gewoon naar school. Wat de rendieren betreft staat de overgrote meerderheid tussen Boden en Jokkmokk. De meest sociale dieren krijgen een tracker zodat ze makkelijker kunnen worden gedetecteerd. In deze moderne tijd wordt er gebruikt gemaakt van sneeuwscooters en drones. Over de rendieren leren we volgende aanpassingen voor de kou

Ze hebben geen bloed in de hoeven waardoor deze niet kunnen bevriezen

De bloedvaten in hun poten liggen dicht bij elkaar zodat het warme, zuurstofrijke bloed het koudere zuurstofarme bloed toch wat kan opwarmen

Het zijn dieren die proberen energie te sparen en daardoor achter elkaar lopen in de sneeuw zodat ze niet telkens een nieuw spoor moeten maken in de (diepe) sneeuw, hierdoor komen ze ook vaak op de weg, een sneeuwscooterspoor,… terecht om dat spoor te volgen.

Hun snoet is veel dikker dan de spitse snoet van een hert en dit omdat er vooraan rond de neus holtes zijn waarin de lucht kan opwarmen alvorens richting lichaam te gaan

Hun haartjes zijn allemaal losse buisjes

Na onze tijd bij de Sami was het dagenslunch bij het Kulturens Hus.

Nadien werd het een stukje cultuur. We trokken naar Gammelstads kyrkstad. Een stukje UNESCO erfgoed. Na een bezoekje aan de kerk van NederluleƄ trokken we nog door de straten waarin de kerkhuisjes stonden. Deze kerkstad is de best bewaarde in Zweden met nog meer dan 400 stugor. Vroeger werden deze huisjes bewoond in het weekend wanneer de mensen naar de kerk wilden gaan. Vermits er niet veel katholieke kerken in de buurt waren, was voor de kerkgangers niet eenvoudig om naar de kerk te komen.

Zij kregen de toestemming om rond de kerk een huisje te bouwen waarin ze dan in het weekend konden verblijven. Dit waren dan voornamelijk 1kamer huisjes.

Nadat we thuis even tot rust kwamen, was het tijd voor echte ontspanning: een bezoek aan de sauna gecombineerd met een ijstub en hottub. Genietend van de warmte afgewisseld met dappere afkoeling in de ijstub. De eerste stappen zijn het ergste, na een paar keer lukt het zelfs om er een minuut in te blijven. We hebben het afkoelen in de ijstub ook afgewisseld met in de sneeuw te gaan liggen. Heerlijk ontspannen in de buitenlucht. Jammer dat het bewolkt was en we het noorderlicht niet meer te zien kregen. Een mooie, late afsluiter van weeral een gevulde dag.

19 januari 2027

Na het ontwaken laat ik Timber uit. Bij de gemeente/stadsdiensten zijn ze iets na 7u al wakker en wordt er volop weer met steengruis gestrooid. Daarna vertrekken we weer richting activiteitencentrum. Het is iets meer bewolkt maar de zon is nog steeds van de partij. Gisterennamiddag vond Leon nog de moed en de tijd om de spikes in de banden te draaien. Een heel karwei, gelukkig hadden we thuis het reservewiel er al van voorzien. We merken onderweg een klein verschil met de dag voordien, zeker op de wat bevroren ondergrond. Ook nu komen we weer tijdig aan. Vandaag staat een rit met sneeuwscooters op het programma. We zullen per 2 rijden en een rijbewijs voor de chauffeurs is verplicht. We regelen nog een aparte schadeverzekering en de chauffeurs laten hun gegevens achter. Daarna verplaatsen we ons naar de schuur. Daar bevindt zich een kleine kleedkamer. Bij deze uitstap horen een warme overall, een helm en eventueel sneeuwbotten. Onze handschoenen worden goedgekeurd en zullen ook nodig zijn.

Aan de scooters krijgen we nog instructies hoe alles werkt. Een rendierhuidje op het zadel beschermt ons tegen de koude. Na een proefrondje achter het centrum gaat de rit dan echt van start. Al snel bevinden we ons op het bevroren water. De snelheid gaat omhoog. Het is een gevoel van ultieme vrijheid om tegen wat hogere snelheid zo over het ijs de glijden. De zon over het ijs of op de achtergrond geeft prachtige beelden. Dan parkeren we de scooters op een eiland.

Onze gids controleert onze gezichten. De wind op het ijs en de snelheid kunnen voor te veel afkoeling zorgen. Het gelaat van ieder van ons is mooi rood, zoals het hoort. Zou het witte vlekken vertonen, dan is er sprake van vriesbrand en zouden we die plekken moeten opwarmen met bijvoorbeeld onze warme handen. Daarna wordt er een vuurtje gestookt en krijgen we lekkere chokladbollar met warm vruchtensap. De gids heeft ook een stukje gedroogd rendiervlees bij. We proeven het allemaal, het smaakt wat sterker dan biefstuk en ondanks de taaiheid door het drogen, is het wel lekker. Na deze pauze wordt de terugweg aangevat. We worden getrakteerd op een extra stukje route door het bos met de vermelding dat dat stuk normaal niet wordt gereden maar dat we in onze groep wel goede chauffeurs hadden. Iedereen tevreden. De scooters worden geparkeerd, het geleende materiaal teruggelegd of gehangen. Door het langer rijden dan gepland, hebben we geen tijd meer om ergens te gaan lunchen. We rijden nog eens langs de COOP voor wat broodjes voor thuis. Timber krijgt zijn wandeling want die kon ook vandaag uiteraard niet mee.Na de middag worden de gezelschapsspelletjes boven gehaald. Beverbende, Franks Zoo,… We amuseren ons. Als avondeten maak ik een pastaschotel. Na nog een late wandeling met Timber kruipen we vroeg in bed.