Categorie: Denemarken

15 juli 2022

Na een ontbijt am See (het is dus een meer, rare jongens die Duitsers) gingen we voor onze laatste route op pad.

Nog voor we de autosnelweg opdraaiden even tanken. Eens de autosnelweg op zette Leon via de app MNM op. Wat gek weer muziek en dan ook nog onze lievelingsradio. Maar lang heeft hij niet gespeeld. Jammer genoeg maakt OLLI best wat lawaai en hoor je de radio eigenlijk niet spelen, voorts was het even weer wat teveel prikkels net nu we richting Hamburg reden. Dat blijft hoe dan ook altijd een stresspuntje in de reis van of naar het Noorden. Voor Hamburg zagen we nog een speciale akkerbouw: vele velden zonnepanelen. Het leek een saaie rit te gaan worden over de autosnelweg.


Gelukkig was het bij Hamburg zelf redelijk rustig en konden we aan de aangepaste snelheid, voor de al jaren aan de gang zijnde werken, toch betrekkelijk vlot de grote stad passeren. We kregen begeleiding van toch enkele druppels. Veel meer werd het niet.
Ook Bremen konden we, na een sanitaire stop, zonder fileleed vlot voorbij.

Maar dan keek Leon op de kaart en bleken er werken ter hoogte van Vasta richting Osnabruck. De weg kleurde over vele kilometers rood, stilstaand verkeer. Dan maar een alternatieve route over Cloppenburg (Peek hebben we niet gezien). Op die 231 tussen Lingen en Nordhorn een hapje gegeten.

We zijn de afgelopen weken verwend geweest met de verzorgde picknickplekjes in Denemarken. Het viel ons op dat op onze laatste lunchplek het gras al even niet was gemaaid.
Om 14u50 kwamen we Nederland weer binnen via Oldenzaal. Daar voor we weer de snelweg op zouden rijden, volgetankt en goed gegokt want goedkoper dan in Duitsland. Eens weer in Nederland bleven we nog even in de sfeer en volgden de “Scandinavië-route”.

Over de A1 /E30 verder maar ter hoogte van Lochem/Bathmen gaf de gps file aan, dus ook hier een alternatieve route. Via talloze binnenwegen op zoek naar een nieuwe mogelijkheid om de autosnelweg op te rijden.

De file was ontstaan door het boerenprotest. Deze boze boeren op het tractors kwamen we dan op die kleine weggetjes tegen toen zij van de snelweg gingen en wij er op wilden.
Net onder Apeldoorn richting Arnhem weer knipperende lichten en snelheid minderen. Tijd dus voor een parking op te draaien en een sanitaire stop in te lassen. Ook even ons appeltje van de dag verorberd. Van dan af ging het redelijk vlot. Over de A50 richting Nijmegen via de A15 richting Rotterdam om uiteindelijk via de A17 naar Bergen op Zoom te rijden. Eens de grens over via de normale weg: A12 en 3 tunnels huiswaarts. Met in Kieldrecht nog een traditionele stop om een pak friet te kopen. Dit is een traditie die al gold bij Elke thuis: na een reis eens in België een pak friet te halen.

Het was een warm welkom met de achtergebleven dieren en natuurlijk ook met de kinderen (of andere volgorde).

14 juli 2022

Het werd in elk geval een rustige nacht. Tijdens het klaarmaken van het ontbijt vielen er druppels. Was de natuur even verdrietig om onze laatste dag Denemarken als we zelf waren? Een voorbode voor de dag? Kort na vertrek passeerden we een mooi uitziend kerkje: Bjerning Kirke.

Het kerkje bleek jammer genoeg gesloten. De weg terug naar de auto was het begin van een stevige plensbui. We hadden in dit geval de bui al zien hangen, maar ware net te laat, om nog droog te blijven, weer aan de auto.
Dan maar verder naar ons eigenlijke startdoel: Haderslev. Een stad met een goed bewaard centrum waar nog vele traditionele huizen in mooie kleuren staan . Vooral rond het Møllepladsen staan nog verschillende intacte huizen. De stad heeft ook een Dom, deze staat op het hoogste punt van de stad. Bij het binnenkomen van de kerk vallen de gigantische glasramen op. Het altaarkruis is van rond 1300. In de loop der jaren is er wel wat verbouwd en veranderd aan de kerk. De bronzen doopvont is nu het oudste originele stuk in de Dom. In de kelder troffen we enkele mooie kazuifels aan. Bij het buitengaan merkten we op dat het eigenlijk een Lutherse kerk was.

Het voordeel van vroeg op pad te gaan is dat er weinig volk te bespeuren valt. Probeer je in te beelden om de Kathedraal van Antwerpen te bezoeken zonder ook maar 1 persoon in de kerk. Dat is wat wij, om beurten, meemaakten vanmorgen. Nadien wat geslenterd door de toch wel typische, authentieke straatjes. Toch werd er hier ook nog versiering aangetroffen die was aangebracht naar aanleiding van de Tour. Jammer genoeg begon het ook hier te druppelen en was een wandeling richting water niet meer van toepassing. Eens buiten de stad nog even een tussenstop gehouden voor de laatste inkopen. Bij het buitenkomen van de winkel viel er een stortbui naar beneden.
We volgden nog maar eens de Margrietroute, dit keer richting Sønderborg. Zo dalen we verder af. Ook onderweg komen we nog Tourversiering tegen.

In Sønderborg vallen ons 2 zaken op: er staan grijze/zwarte kliko’s maar met 6 verschillende kleuren deksel. Later komen we deze nog tegen maar dan zijn het 2 kleuren per kliko, die dan blijkbaar binnenin een extra wand heeft. De kleuren zijn roze voor plastic, grijze voor metaal, blauw voor papier en karton en beige voor glas, zwart voor rest en groen voor groenafval. Het geeft wel een kleurrijk uitzicht zo. Verder zagen we al eerder in andere steden, maar dus ook vanmorgen de kinderwagens hier. De bak van de koets is erg groot en wordt gebruik tot een jaar of 2-2,5. Bij baby’s wordt er een kleiner model in de bak gezet. Voor peuters kan een deel van de bodem worden rechtgezet. Een buggy wordt eigenlijk pas gebruikt voor kleuters en vaak tot 6 jaar. Het geeft best een raar zicht om die grote koets met peuter te zien passeren.
Maar eigenlijk waren we in Sønderborg om de stad te bezoeken. Maar eerst aten we onze lunch ditmaal gewoon aan de auto op de parking in de stad.

Sønderborg is één van de steden op het eiland Als. Deze stad is verbonden met de vroegste geschiedenis van Denemarken. In de 12de eeuw werd er op het eiland een slot gebouwd om het eiland te beschermen tegen zeerovers. Koning Valdemar de Grote liet toen een tweede slot bouwen: Sønderborg. Het slot is een barokslot en het oudste nog bewaard gebleven koninklijk kasteel van Jutland. De renaissance kapel in het slot, gebouwd rond 1560, is de oudste Lutherse vorstenkapel in Scandinavië. Binnen in het slot is een museum waar vooral aandacht wordt besteed aan de geschiedenis van Zuid-Jutland na 1800. De bakkerij en de ridderzaal waren nog zichtbaar. Jammer genoeg mocht Timber niet mee in het museum en is Leon alleen gegaan.

Ondertussen viel er opnieuw een regenbui. Toen Leon klaar was met de rondleiding, was het weer droog en scheen de zon. We zijn nog even door de stad gewandeld. Eerst voorbij het Raadhus, om daarna richting de Sct Marie Kirke te gaan. Een sobere kerk van binnen met toch wel enkele uitschieters. Vooral de glasramen achter het altaar springen in het oog. Ze bestaan beiden uit 3 maal 3 vakken en dit met verschillende kleuren (de betekenis volgt later).


Op weg naar de auto wandelden we voorbij Hønekilden. Dit was de oorspronkelijke bron van water aan de voet van Sct Marie Kirke. Nu is de bron te bewonderen via een kunstwerk maar gedurende de geschiedenis was de bron altijd aanwezig en dit met een hoge kwaliteit aan water. In 1566 werd de bron door de toenmalige koningin gebruikt om water naar het slot te laten aanleggen. Na nog even langs de kade te lopen en wat kunst te bekijken aldaar, ging het richting auto en weer verder.
Even buiten Sønderborg was het tijd voor een bezoekje aan de Dybbel Mølle. De dubbele molen staat symbool voor de standvastigheid in de strijd tegen de Pruisen (uitleg volgt).


Een laatste stukje Margrietroute leidde ons tot het Gråsten Slot. Dit wordt tegenwoordig gebruikt als zomerresidentie van de koninklijke familie. Normaal is het park toegankelijk voor publiek, maar ook dit keer hadden we pech en was iemand van de familie aanwezig. Aan de zijkant konden we even door de haag piepen en zagen een gigantisch springkasteel. Gelukkig liepen we net aan die zijkant toen er de wisseling van de wacht was. We waren dan toch niet helemaal voor niets uitgestapt.


Een laatste stop was ter hoogte van de Gejla brug. Eén van de weinige nog intact zijnde bruggen van de oorspronkelijke heirweg die liep tot in Sleeswijk. We hebben dan maar aan de rand van het bos ons laatste warme maaltijd in Denemarken klaargemaakt.

Nadien was nog een laatste maal offroad om bij het einde van de straat de autosnelweg richting Duitsland op te draaien. Waar we nu ter hoogte van Neumunster aan een meertje onze laatste vakantienacht zullen doorbrengen.

13 juli 2022

Bij het ontwaken bleek dat we nog een extra buur hadden gekregen. Na het gebruikelijke nog even snel naar het centrum van het dorpje voor een sanitaire stop en afscheid te nemen van de onvermoeibare gemeente-arbeiders (de robotgrasmaaiers). Meteen na de start zaten we op de Margrietroute en ging het eens het dorp uit vrij snel met een stevige klim en veel bochtenwerk richting onze volgende stop. Blijkbaar kwam de Tour de France voor rit 3 door deze regionen. Overal op de grond stonden aanmoedigingen. Vooral voor Cort (bolletjestrui toen, Asgreen en Vingegaard). Soms waren het kleine truitjes in geel, groen en bolletjes of een wasdraad vol kindertekeningen. Erg leuk om zien. Het zou ons de hele dag begeleidden.
Met de route paseerden we Vejle. Hier zagen we weer wat moderne architectuur. Vanuit dit stadje konden we langs het Vejlefjord rijden. Een bochtige baan langs de rand van het fjord zorgde voor erg wisselende en mooie beelden.

Jammer dat de zon op dat moment niet vol van de partij was. Eens het kronkelbaantje achter de rug ging het bergop en veranderde het landschap van water naar bos. Met enkele steile klims en midden in het bos een verkeerslicht om toegang tot een tunnel/brug te verlenen.

Voor de fietsers die we tegenkwamen was het toch een stevige klim.
In Gårslev zagen we een leuk kerkje. Het was jammer genoeg gesloten.

Dan maar weer op pad een richting Fredericia. Dit is een vestingstad. Het best bewaarde vestingscomplex in Scandinavië. Een deel van de wallen is nog aanwezig. Het leek wel of we in Hulst rondliepen, en toch ook weer niet. Elk bastion had een eigen naam en een eigen functie. Van ver voor het binnenrijden van de stad, was de grote, witte kruittoren al te zien. Aan het princessenbastion lag beneden over de vestingsgracht een witte brug. Deze is een replica van de oorspronkelijke brug, die was afgebroken door de havenuitbreiding. De stad werd in opdracht van Frederik III in 1650 gebouwd. Het werd een toevluchtsoord voor andersdenkenden zoals joden, katholieken en hugenoten.

Tijdens onze verkenning door de stad botsten we op de Sct Michaeliskirke, een parochie- en garnizoenskerk. Van buiten had het een pitoreske bouw, van binnen sober maar mooi. Er leek zelfs een loge in te zijn.


Onderweg in de stad kwamen we verschillende houten banken/stoelen tegen. Soms waren ze éénpersoons, soms meerpersoons of ook zelfs enkele op pootjes. Het leuke eraan was hun naam: Timber Nest. Dan maar een foto met ons model erin. Gelukkig bleef hij heel geduldig wachten tot de foto was gemaakt.

Na onze ronde door de stad en snel wat boodschappen ging het richting Lille Bæltbroen. Deze brug uit 1935 is 1,2km lang. Vanaf deze brug kan je de nieuwe brug zien liggen. De Kleine Beltbrug heeft 2 mensen fulltime in dienst die dagelijks inspecties uitvoeren en contractors begeleiden bij hun werk. Mensen die geen hoogtevrees hebben kunnen ook begeleid de brug beklimmen en over de brug lopen. Dat laatste is niet aan ons besteed met Timber. Moesten de kinderen erbij zijn geweest, was Leon vast met hen naar boven gegaan. Naast de brug hebben we aan een picknicktafel onze lunch verorberd.


Nadien ging onze weg weer even over de autosnelweg en terug naar Fredericia want we wilden ook de nieuwe brug even over. Een totaal andere constructie en beeld. Ze leek veel meer op de Grote Beltbrug tussen de eilanden Funen en Sjælland.

Na dit autosnelwegavontuur ging het weer over de Margrietroute. Ditmaal richting Christiansfeld. Het was een weg met mooie afwisseling tussen zee en bos. Het valt ons op dat de kustlijn aan de westkant toch erg verschilt met deze aan de oostkant. Ten oosten zijn de steden groter, minder zandstranden, drukker bevolkt, bebouwing tot bijna tegen de kustlijn en meer industrie. Bij het passeren van Kolding werd ons duidelijk dat dit de geboortestad van Asgreen is.


Rond half 5 parkeerden we ons op één van de plekken voorzien voor campers en trokken we Christianfeld in. Het stadje werd in 1773 gesticht door de Hernhutters (= Evangelische Broedergemeenschap of Moravische broeders). Het centrum van het stadje ziet er nog steeds zo uit zoals het in 1773 werd gebouwd. De huizen in de Lindengade zijn nog authentiek. Het stadsplan geeft duidelijk mooie rechte, kruisvormige straten aan. Verder zijn er mooie lindelanen en in het centrum op de vierkante markt : een grote kerk. De apotheek in het stadje bleek geen apotheek maar een boetiek. We konden weer een vinkje op onze Unesco Werelderfgoedlijst zetten.


We bezochten er de Tytstrup Kirke. Het was even zoeken om de ingang te vinden. Maar eens binnen bleek het een mooie kerk te zijn. Met een prachtig beschilderd plafond. Ook achter het tabernakel kon je gaan en was er plaats voor een erg intieme (4pers) viering. Een klein altaar met kruis en kandelaar stonden daar vergezeld van 3 mooie glasramen. Vermits we niet met 2 tegelijk een kerk kunnen bezoeken is het om de beurt. Hierdoor loopt het soms wat uit en raak je (Elke) net niet opgesloten.


Het stadje is gekend om zijn tegelkachels, worst en honingtaart. Toen we zelf honningkagen wilden eten, bleken de bakkerijtjes/cafe om 17u reeds gesloten. Uiteindelijk keerden we nog even op onze stappen terug naar de Broederkerk. Deze was echt bizar bij het bezoeken. Ze heeft één grote ruimte met allemaal witte banken, geen versiering of wat dan ook, gordijnen aan de ramen. Er is ook een gelijkaardige, kleinere zaal.


Uiteindelijk zijn we teruggegaan naar onze camper. Daar besloten we om toch naar de andere gratis plek te rijden iets buiten het dorp. We staan nu bij een boerderij. Met de buren: 1 gigantische camper met aanhanger + auto (Schotten) en een iets minder grote camper met Zweden maar hij heeft een Engelse nummerplaat. We werden na een tijdje vriendelijk verwelkomd door de eigenaars. Een leuke babbel. Bij het parkeren kregen we al bezoek van een kater (blauw/wit) later volgde ook nog de hond. Gelukkig sliep Timber al in zijn bench. Het ziet er hier een erg rustige plek uit.

12 juli 2022

Het werd toch best wel een rustige nacht. Na een krentebol voor Leon, een beker melk voor Elke en een toertje voor Timber met nadien zijn brokjes vertrokken we iets voor 8u in Aarhus.

Toch weer even rijden via de autosnelweg om de watertank te vullen. Uiteindelijk ter hoogte van de 409 (Skanderborg) op een parking ons ontbijt genuttigd.

Het was toen al bijna 9u. We waren op weg naar Yding Skovhøj. De hoogste “berg” in Denemarken. Gelukkig konden we nog een stukje over de Margrietroute. We volgden de wegwijzers richting de berg maar kwamen uiteindelijk uit bij Ejer Bavnehøj. Het op twee na hoogste punt van Denemarken. Hier prijkt een toren. Dit is een herdenkingsmonument ter ere van de hereniging van Zuid-Jutland met de rest van Denemarken na de eerste Wereldoorlog.

Het officieel hoogste punt is de Møllenhøj (net geen 171m). Even verderop. Een punt ergens in de wei van Møllengaard. Een boerderij met 190 Jerseykoeien en topkwaliteit aan melk. Hier mocht Timber niet mee door de wei, dus zijn Leon en Elke even om beurten in de wei tot het punt geweest.

Er is eigenlijk discussie over wat nu het hoogste punt is want de Yding Skovhøj is volgens de toeristische gidsen en de stafkaart 173m hoog. We hebben ons dan ook maar op de parking gezet om dit laatste punt te bereiken, te voet weliswaar. Een mooie wandeling door het bos. Het vertrek mooi aangeduid met een gele bol. Ook hier hebben we al duidelijkheid in de wegmarkering: een bol wanneer het pad rechtdoor loopt, een driehoek die een pijl vormt om een verandering van richting aan te duiden. Een gele bol dus, en wij op pad, even verder een gele driehoek en dan…. niets meer behalve vele weggetjes. Uiteindelijk toch een driehoek gevonden. Wat verder volgde, leek wel uit de boeken en de sprookjes te komen. De grote gele weg in het donkere bos (Wizard of OZ) die later meer een Harry Potter weg is weg werd. Gelukkig hadden we beiden stevige schoenen aan, zijn we niet vies om even van een weg (in dit geval één die er niet meer was) af te dwalen en kan in deze tijd een gps op een smartphone ook soelaas brengen. Na wat avontuur, al dan niet opgesmukt met een diepe plas, bereikten we een grindweg.

Deze leidde naar de baan waar onze auto geparkeerd stond. Een dik uur wandelen na de start waren we weer bij ons vertrekpunt. We konden weer verder met OLLI. Ondertussen waren we, dankzij onze wandeling, er ook achtergekomen wat de vele velden waren die we tegenkwamen met groen met een soort peultjes aan: het is koolzaad. Wij kennen het in onze buurt alleen van de gele bloemen, goed voor onze bijtjes, maar niet in uitgebloeide vorm.
Rond half één ging het richting Almindsø. Het mooiste meer van Denemarken, gelegen in de buurt van Silkeborg. Om onze hongerige magen te stillen, werd er halt gehouden aan een ander meer: Mossø. Een picknicktafel in de schaduw. Na de lunch dan toch even het padje gevolgd naar het meer. Timber even laten zwemmen. Die vond die verkoeling best fijn.

Toen we op de parking terugkwamen stond deze ineens nagenoeg vol. Twee Zweedse campers waren aangekomen. De ene ongeveer 7m, de ander toch ruim een meter langer en vast met een stevig prijskaartje. Maar toch stonden de heren met bewonderen blikken naar OLLI te kijken. Jammer genoeg is mijn Zweeds (nog) niet goed genoeg om hen te verstaan, maar toen één van de dames ‘ WHOW” zei heb ik ze wel netjes bedankt.
De weg verder naar het geplande meer leidde weer tot afwisseling. Ditmaal velden met erg jonge kerstboompjes, of in Boes waar je maar 30 mocht in plaats van de gebruikelijke 40km/u. Vele huisjes met rieten daken stonden aan de kant van een kronkelende baan. Dat Denemarken plat is, werd vandaag met het tegendeel bewezen: glooiend landschap en tevens erg bosrijk nu. Uiteindelijk bereikte we het meer, en waren duidelijk niet alleen.

Net als zovele anderen geparkeerd aan de kant van de weg. We konden vlakbij het bos in dat langs het meer lag. Vreugde voor Timber want het was een losloopgebied, en dit vlak aan het water. De pret kon niet op. Denemarken is erg hondvriendelijk en normaal gezien mogen honden bijna overal aangelijnd mee, maar er zijn ook losloopgebieden, we hadden ze tot vandaag nog niet gezien.
Na het Timbermomentje dan verder op pad. Tot in Hjøllund over een grotere weg, daarna toch weer over de Margrietroute verder.

Na de vele kustlijnen van de afgelopen dagen, zijn de bosgebieden ook best mooi. Zo verder bereikten we Jelling. De eerste hoofdstad van Denemarken. Hier in Jelling getuigen de koninklijke grafheuvel, de kerk en en de Runestenen van de Vikingtijd van Scandinavië. De grote Runesteen, die je terugvindt voor de kerk, wordt beschouwd als het geboortebewijs van Denemarken omdat hier de eerst maal de naam Denemarken in vermeld werd. Hij werd gemaakt door Harald Blåtand of Bluetooth (toen al) ter ere van zijn vader Gorm en moeder Thyra. Harald onderwierp Denemarken en Noorwegen. Hij maakt ook de Denen Christenen. Naast de grote steen staat een kleinere, gemaakt door Gorm. De beide stenen staan voor het kerkje.

Een fraai kerkje met een mooi patroon op de vloer. Het zou het graf van Gorm aanduiden. De kussen zorgen ervoor dat je aangenaam op de bankjes kan zitten tijdens de dienst. Naast de kerk bevinden zich 2 grafheuvels.
Rondom het domein (de grootte van ruim 20 voetalvelden) staan witte, gepolijste betonnen zuilen. Steeds een korte en een lange bij elkaar. Ze worden afgewisseld met op de vloer donkere cirkels. Deze cirkels en zuilen duiden de plek aan waar de eiken houten palen stonden van de omheining in de Vikingtijd.
Platte stenen op de grond duiden de plek aan waar het stenen Vikingschip werd gevonden. Het is gigantisch.

Ruim 150 jaar geleden kwam koning Frederik deze kant op en beklom de heuvels via trappen. Deze oorspronkelijke trappen, samen met de bomen die toen werden geplant maken nog deel uit van de grafheuvel of de plek ervoor.

We zijn best blij dat we iets na half zes nog aan deze ervaring konden beginnen. Het werd een interessante en erg rustige wandeling doorheen de Vikingtijd en het hedendaagse Jelling. We kunnen door dit bezoek weer een vinkje zetten op de Unesco Werelderfgoedlijst. En voor vannacht staan we op een rustige plek op een parking aan de ingang van het stadje.

11 juli 2022

Wat een heerlijke nacht. Vanochtend wakker geworden wederom met een stralende zon, en…. veel minder wind.

Na nog wat wandelen rondom de plek dan via een ander offroad grindpad richting grote baan. Wel met enkele hindernissen: kudde schapen op de weg.

Na nog even over de kleinere wegen rijden dan uiteindelijk toch op de autosnelweg beland en dit richting Aarhus.

Onderweg nog even getankt. Daar aangekomen passeerden we eerst de wijk Braband Nord. 😀 Wel grappig als je met een Noord-Brabander in de auto zit. Na wat rijden zijn we op een gratis camperplek terechtgekomen vlak aan de haven. Hier mag je 24u staan uitsluitend met een camper. Die 24u toon je aan met je parkeerschijf of gewoon door je aanvangsuur op de ruit te kleven want er wordt weldegelijk gecontroleerd.


Aarhus is de grootste stad van Jutland en de tweede grootste, na Kopenhagen, van Denemarken. Het is tevens ook een universiteitsstad. Het heeft enkele mooie kerken zoals de Domkirke en de Vor Frue Kirke. Verder is ook het Rådhuset de moeite waard om te bijken. De oude stad is best gezellig en ook de omgeving van de jachthaven verdient een bezoekje. Als je doorheen de stad loopt, merk je dat er stenen op het voetpad het opschrift “AARHUS 2017” dragen. Deze zijn er gekomen door dat Aarhus Culturele Hoofdstad was in 2017.
Rond half 11 dan vertrokken richting oude stad. Als eerste de Domkirke bezocht.

Eerst Leon, daarna Elke. Met de bouw van de kerk werd in 1201 gestart. Ze is het langste kerkgebouw van Denemarken en dit met 96m lengte. Ook de toren heeft die lengte. Binnen in de kerk zijn prachtige muurschilderingen. Het altaar met 4 vleugels is één van de mooiste van Denemarken. Het kerkorgel het grootste. Voor het altaar was er nog een trap naar de crypte. Kortom echt de moeite om te bezichtigen.
Na wat kuieren door de straatjes kwamen we bij de Vor Frue Kirke (The Church of our Lady).

Een veel soberdere kerk dan de Domkirke maar toch ook mooi. Ook hier een gigantisch orgel. Via een zijdeur(tje) in de kerk kon je naar de kloostertuin. Ook daar was nog een extra deur die leidde naar de kloosterkerk. Hier was wel een erg mooi glasraam. Het orgel in dit kerkje was erg sober en klein.
Daarvandaan trokken we weer richting de gezellige straatjes op zoek naar een plekje om iets te eten. We vonden een tafeltje aan het Rømerhus. Leon nam een burger en Elke de enchilladas. Lekker, vlotte bediening. Een traktatie voor onszelf.


Na onze maaltijd wandelden we ongeveer 5km richting Koninklijk Paleis en de bijbehorende tuinen. Jammer genoeg was Koningin Margaret thuis en was het park/ de tuin niet te bezichtigen, dus ook het paleis niet.

Leuke anekdote is wel dat op het moment dat wij voor de poort stonden er een autootje buiten kwam gereden met een oudere dame aan het stuur. Wij zijn er van overtuigd (vergeleken met foto’s op Google) dat het de Koningin zelf was. Dan maar terug richting oude stad, natuurlijk via een andere weg. We passeerden nog enkele mooie gebouwen.
En kwamen zo tot Aarhus Rådhuset.

Ook dit is omgeven door een mooi park. Nadat we om het Rådhuset heen gelopen waren kwamen we aan een winkelstraat. Van ver kon je zien dat er halverwege de straat mensen heel hoog op een soort platform stonden. We gingen kijken en het bleek dat er op het dak van het winkelcentrum een heel dakterras was met volgens Leon spectaculaire uitzichten over de stad.

Leon is de enige die naar boven is geweest vermits het op het dak van een winkelcentrum was waar Timber niet in mocht. Nadien hebben we ons nog getrakteerd op een ijsje.


Verderop zijn we op onze weg terug door het Nodre Kirkegård gewandeld. Een groot park/kerkhof. Mooi om door te lopen. Nog even langs de winkel voor wat fruit en karnemelk. Dit alles even afgezet in de camper en van daaruit richting jachthaven. Daar hebben we onze picknick opgegeten en zijn dan nog verder gelopen door de haven en omgeving. Er zijn hier duidelijk de laatste tijd veel nieuwe, erg moderne appartementsgebouwen opgetrokken. Waarschijnlijk in een hogere prijsklasse. Echt de moeite om te zien.

Er werd ook nog volop gezwommen en gesubd nabij het Navitas Waterfront. Een hoog flatgebouw is nog in aanbouw en zal het hoogste van Denemarken worden. Het kreeg de naam Fyrtårnet (vuurtoren). Bovenin zal een restaurant komen met zicht op de baai van Aarhus. Na een wandeling van ruim 16km en vele indrukken rijker gaan we hier aan de haven naar bed.

10 juli 2022

Heerlijk rustige nacht. Zalige omgeving bij het ontwaken en ontbijt. De opkomende zon zorgde wederom voor mooie plaatjes. Tijdens een toertje met Timber toch nog even stiekem een foto genomen van het vikingmuseum.


Rond 8u45 gingen we rijden. Wij vertrokken toen de rest van de camperbewoners nog sliep. Enkele straten vanaf de camperplek hadden we de Margrietroute weer te pakken, dit keer richting Viborg. We reden voornamelijk door een glooiend landschap, met nog steeds veel graanvelden, maar ook veel bosrijke stukken.
Op de route passeerden we Tjele. Een klein dorpje maar hier staat Tjele Gods: het oudste landhuis van Denemarken. Het rode “Sønderhus” staat er sinds 1392. Het witte hoofdgebouw werd er pas 2 eeuwen later aan toegevoegd. Het landhuis is al 9 generatie in het bezit van één familie: Lüttchau. Op het domein staat ook een kerkje. De inkomdeur was erg zwaar. Binnen was een smeedijzeren deur, een graf en een mooi altaar.

Enkele kilometers verder was er Blomstergårdens. Via een offroad, kronkelend grindweggetje bereikte we de 25000m² tuin. Onderweg er naartoe waren ze erg zuinig met de wegwijzers. Bij het binnenkomen waren we anders toch niet zo gelukkig: de poezen die er rond liepen waren ziek alsook 1 van de honden. De inkom zag er echt niet fris uit. Het was een tuin met heel veel soorten lelies, dahlias, fruitbomen. Een erg groot domein in het glooiend landschap. We hebben door het park gewandeld, maar vonden het toch niet zo geweldig. En het tipte absoluut niet aan wat we op voorhand lazen namelijk dat er de grootste fuchsiatentoonstelling van Scandinavië zou zijn, vele rhododendrons en rozen. Misschien waren we net te vroeg in het seizoen.

Dan maar via een ander grindpad naar de Margrietroute terug.
Zo kwamen we in Viborg aan. Eerst wat slenteren door de oude stad en de autovrije zones. Het was duidelijk dat het zondag was: winkels gesloten en geen volk op straat. Zalig om foto’s te maken, maar dan is het wel minder gezellig.

Viborg was de oude hoofdstad van Jutland. In de 11de eeuw werd het een bischopsstad en was het tot aan de reformatie een religieus machtscentrum met 20 kerken en 5 kloosters. We horen de kinderen al in een kramp schieten. We hebben ze niet allemaal bezocht.
Enkel de Sortebrødre kirke en de Domkirke. De eerste was een sobere kerk, wel mooi. De Domkerk daarentegen was één en al pracht en praal. Vele schilderingen sieren de wanden en plafonds en beelden vele bijbelse taferelen uit. Een Deense schilder, Joakim Skovgaard, maakte ze. Van de oorspronkelijke kerk uit 1130 blijft alleen de crypte over. Door verschillende branden werd de kerk in de 19de eeuw na afbraak opnieuw opgebouwd in dezelfde Romaanse stijl als de oorspronkelijke kerk.


Onze lunch aten we aan het water aan de rand van het Borgvoldpark. Even verderop was een brug die Nørresø en Søndesø van elkaar scheidt. Opvallend is de bebouwing aan de oevers van dit water. Bij Nørresø staat er hoofdzakelijk oudere gebouwen, bij Søndesø is dit eerder nieuwbouw met hoge flatgebouwen.

Om de drukke straat over te steken die over de brug loopt, kan je als voetganger onder de brug door en dit over een hangbrug die vastgemaakt is aan de bovenliggende brug. Op de weg terug naar de auto ook even door het Borgvoldpark gewandeld. Een mooi aangelegd park. Bij de kiosk daar onszelf getrakteerd op een ijsje. Het was duidelijk dat zondag familiedag is in Denemarken.
Van Viborg ging het dan naar onze huidige slaapplek: het parkeerterrein van Kongenshus Mindepark. Een herdenkingspark voor de eerste heideboeren.

Hun namen staan in stenen gehouwen en dit per district en per parochie. Je kan het pad afwandelen naast deze stenen. Bij onze aankomst trok OLLI veel aandacht van 1 grote familie. Ze vonden het geweldig en namen ideeën mee om hun plannen te realiseren. Wij besloten om toch ook nog een wandeling te maken door het mooie heidelandschap dat bekend staat als Denemarkens mooiste en kenmerkende fauna- en floragebied. We volgden de gele route. Hierdoor startten we op het hiervoor beschreven pad. Verderop was het echt een smal paadje door het gras en de heide. We moesten 2 maal over (schrik-)draad stappen, wat niet zo evident was met Timber. De eerste maal kroop hij tussen 2 draden (blijkbaar dan toch geen stroom), de volgende keer sprong hij over de draad. Best knap.

Bij aankomst na onze wandeling nog even de uitkijktoren beklommen. Aan de voet van de toren waren ook hier enkele families aan het picknicken. Vanaf dat de parking was leeggestroomd, staan we hier alleen. Op het domein, een beetje achterin staan nog een aantal houten shelters rondom een vuurkring. Ook een huis met rieten dak maakt deel uit van het geheel en biedt de mogelijkheid om in het huis tegen betaling te overnachten. Wij genieten bij de ondergaande zon van ons plekje.

9 juli 2022

Vanmorgen redelijk vroeg wakker. We sliepen dan ook rond 21u. Gelukkig geen last van het vertrekkend feestverkeer. Mooie rustige plek.
Om half negen waren we al gepakt en met stapschoenen klaar om te wandelen. Op de Campercontact app hadden we gelezen dat er een witte wandelroute was van ruim 10km. Aan de overkant van de weg vonden we witte pijltjes. Dus startten we vol goede moed. Na ruim 10 minuten stappen stopte de weg. We waren aan het eindpunt van de route en meerbepaald aan de Skillingbro Kalkgrav. Een kleine kalkgroeve, zoals er hier wel verschillende in de omgeving zijn.

Dan nog maar eens goed op het plan gekeken waar Elke gisteren aan de receptie van het hotel een foto van nam. Over de ingang van het hotel vertrok een pad. Dit hebben we gevolgd tot we op de weg uitkwamen, daarna liep er een grindpad naast de weg tot op een parking. Eindelijk het goede vertrekpunt van de wandeling.
Deze liep over Rebild Bakker. Hier zijn er met heide begroeide heuvels, die behoren tot één van de meeste indrukwekkendste landschappen van dit deel van Denemarken (Jutland). Maar de aangeduide wandeling ging ook door Rold Skov. Hier in dit bosdeel zijn er ook verschillende beken en meren. We passeerden de Kovads Bæk. Een beek die kronkelde tussen de weien in het dal. Erg makkelijk voor het vee om er te drinken.

Even later moesten we ter hoogte van Ravnkilde over de stenen in het water stappen om aan de overkant te geraken. Dit is één van de mooiste plekjes omdat er verschillende bronnen ontspringen en zo een moeras vormen. Maar even verderop waren ook bosbessen. En dus was het pluktijd voor Elke en smullen voor Timber.


De tocht ging verder door een zeer gevarieerd landschap. Na de heide volgde het bos. En na het vlakke pad, kwam het klimmen en het dalen. Soms moesten we door de weide met grazend vee, meestal schapen. En als we die zagen moesten we Timber toch even intomen om niet te gaan drijven.

Zelfs het weer was zeer afwisselend. Bij het vertrek viel er zeker 5 minuten miezerige regen, daarna was het bewolkt en dan weer zonnig. Maar vooral was het de gehele tijd erg winderig.
Het was niet erg druk, af en toe zagen we wandelaars in de buurt van een dorpje of parking. Ook enkele groepjes mountainbikers kwamen voorbij. Wat wel fijn was, was het aparte parcour/weggetje voor deze laatsten, naast de wandelweg. Een pak beter dan in de Clingse bossen waar je als wandelaar constant door de fietsers van je sokken wordt gereden.
Onze lunch nuttigden we op Vælderskov Gården. Het was een houten kiosk midden in het bos met daarbij enkele bbq’s en zelfs een handmatige kliever om de blokken hout aan te maken voor de bbq.


Rond kwart over één waren we terug aan de camper. Schoenen wisselen, boel inladen en weer op pad. Dit keer naar Gravlev Kilde. Dit is ook één van de meertjes in het bosgebied.


Nadien moesten we noodgedwongen een stukje autosnelweg nemen want daar aan het tankstation was een loosplek voor chemisch toilet en vuilwater evenals de mogelijkheid om drinkwater in te slaan. Het was de eerste keer dat we zo’n een plek tegenkwamen. Vuilwater hadden we al wel kunnen lozen, maar het toilet nog niet.

Dit is toch anders dan in Noorwegen of Zweden waar je ook in kleinere dorpjes plekken vindt om dit te doen en je dus niet gebonden bent aan autosnelwegparkings. Van hieruit ging het richting Hobro. Even wat inkopen bij de Lidl en daarna naar onze overnachtingsplek. We staan nu op de parking van het vikingmuseum Fyrkat bij Hobro. Rustig aan een watertje. Er staat hier nog een grote vrachtwagen 4×4, een camper met Belgen, enkele kleinere busjes en een camper.

8 juli 2022

Het was niet echt een rustig plekje. Gelukkig wel met toilet. Tot 23u was er muziek vanuit de blokhut iets voorbij de parking. De hele nacht was het een komen en gaan van campers. Bij het ontwaken was er 1 verdwenen en 2 nieuw aangekomen. Wij waren in elk geval vroeg genoeg uit de veren. Terwijl Elke Timber uitliet, verzette Leon OLLI tot op het strand. Bij de opkomende zon en uit de wind door de duinen en OLLI was dit een zalig plekje. Heaven: breakfast on the beach. Nadien zijn we nog geruime tijd blijven nagenieten, lekker niks doen.

Uiteindelijk besloot Elke om alsnog in badpak richting zee te trekken. Ze nam Timber mee. Na ruim 50m in zee te hebben gelopen hield Timber het voor bekeken en spurtte terug richting Leon. Elke ging nog iets verder, maar keerde uiteindelijk ook terug omdat ze na al die tijd nog steeds niet verder dan half haar kuiten onder water stond.
Dan maar “en route”. Naar waar, zo ver ging de vooraf gemaakte planning niet. We zouden wel zien wat er op ons pad kwam. In elk geval werd het een dag met voornamelijk Margrietroute volgen. Onderweg kwamen we een rond flatgebouw tegen.

Even later reden we Frederikshavn binnen. Toen zagen we een grote kerk. Ze leek wel in het midden van de weg te staan. In realiteit boog de weg af. Maar onze interesse was geprikkeld. Een mooie kerk, sober, dit keer wel met glasramen. En ook deze kerk werd gebruikt voor schippers, getuige de boten die boven het middenpad hingen. Nadien nog even door het stadje gekuierd. Zelfs door de winkelstraat. Hier was het wederom een hemels gevoel: rommelmarkt voor de apotheek. Op de terugweg ook nog even een blik op de haven geworpen. Van hieruit vertrekken veerdiensten richting Noorwegen, Zweden en het eiland Læso.

Voor Elke was het in deze stad dat de kiem werd geplant voor de liefde voor Scandinavië. Vanuit deze stad vertrok in 1975 de nachtboot richting Oslo als start voor een onvergetelijke reis door Noorwegen met broer, zus en Oma en Opa.
Rond half één bereikten we Hou en reden er door tot de haven. Er lagen hele grote jachten, voornamelijk van Noren en Zweden alsook vissersbootjes. We zochten ons een plekje aan een picknicktafel aan de rand van het haventje. Zoals het volgens de Denen hoort, deze zijn namelijk dol op picknicken. Effectief vind je heel veel picknicktafels, meer dan vuilbakken. Na nog even het haventje te hebben verkend gingen we weer op pad.

Net zoals de voorbije dagen toch best veel verwonderde blikken of zelfs duimpjes omhoog als we passeren en dit door mannen, kinderen, fietsers of gelijkgestemden. Wat ook opvalt is dat er heel vaak ergens een “loppenmarked” is, vergelijk het met bij ons een rommelmarkt/garageverkoop. Dit was ook zo in de straat richting haven bij het binnenkomen van Hals. Hier moesten we even wachten op de overzet richting Egense. Een tocht van ruim 5min.


Aan de overzijde van het water volgden we nog steeds de Margrietroute en dit richting slaapplek voor vanavond.

Het was onderweg al duidelijk dat we in meer bosrijk gebied terechtkwamen. We vonden een plek op de parking van het sterrenhotel Rold Storkro. Dit hotel is gelegen in Rold Skov, het grootste bosgebied van Denemarken.

Op de parking mogen volgens het bord alleen campers staan die voorzien zijn van een eigen toilet. We staan hier gratis. Toch vraagt het hotel indien mogelijk om eventueel een ontbijt, koffie met gebak of een avondmaal te nuttigen. Alleen is er sinds vanmiddag een feest bezig, dus dat gaat het niet worden.

7 juli 2022

Gelukkig kondigde zich weer een droge, zonnige dag aan, met zelfs een verrassing op ons tafelblad: 2 eitjes.

Bij elke camper stonden er eitjes. Dan maar ineens opgebruikt als roereitjes. Lekker. Smaakte best. Na vuilwater lozen en schoon bijvullen (we weten niet waar we terecht zullen komen) op pad voor wat een zanderige dag zou worden. Zoals vaak volgden we de weg met gemillimeterde bermen waarnaast struiken hondsroos en vlier groeien afgewisseld met veel bijenbloemen. Waterschap Scheldestromen in Zeeuws-Vlaanderen kan er nog wat van leren.
Onze eerste stopplek van de dag was Rubjerg Knudde. Hoog op een duin staat een vuurtoren. Deze werd in 2019 70m landinwaarts verplaatst om zo de toren te beschermen tegen de erosie van de Noordzee. De vuurtoren werd gebouwd maar stuifzand en daardoor de zandduin rondom de toren werden een groot probleem. Uiteindelijk was in 1968 het licht voor de allerlaatste maal zichtbaar. De erosie op de duin was goed te zien. Restanten van de gebouwen rond de toren waren nog deels terug te vinden in het zand. De duin beklimmen was pittig maar het uitzicht meer dan de moeite waard. Weer een leuke ervaring rijker.


Even voor half 11 reden we richting Hirtshals, één van de belangrijkste vissershavens van Denemarken. Van hieruit vertrekken ook veerboten richting Noorwegen.

Bij het doorrijden even snel wat boodschappen gedaan (brood, fruit, karnemelk). Daarna nog steeds verder met de Margrietroute, deze liep zelfs even over een stukje snelweg. Van hieruit ging het richting Skagen. Op dat noordelijke stuk van Denemarken is er eigenlijk maar één weg. Het was er erg druk.
Onze volgende tussenstop was Råbjerg Mile. Dit is een 35m hoge wandelende duin. Door de westenwind wordt deze het land ingeblazen, elk jaar ongeveer 20m. Het is het enige stukje “woestijn” in Denemarken en het grootste duingebied in Europa. Opnieuw moesten we zand en duinen trotseren om mooie beelden te zien en te kunnen genieten van spectaculair uitzicht.

Op de parking even snel onze lunch genuttigd.
Rond half 2 dan richting Grenen. Het meest noordelijke punt van Denemarken. De plek waar de Noordzee en de Oostzee samenkomen. Het is de meest toeristische plek van Denemarken. Dat was te merken op de parking. Dat Denemarken geliefd is door fietsers viel ook duidelijk op, honderden fietsen stonden er geparkeerd. Het eigenlijke plekje is enkel te voet te bereiken. Het werd een wandeling waarbij we opliepen langs de drukke kant, die van de Oostzee en na wat foto’s weer teruggingen via de erg rustige kant aan de Noordzee. Met een selfie hebben we afscheid genomen van deze Noordzee.

Vanaf nu gaan we weer zuidwaarts. Vermits het vloed was, was het toch wel een stevige wandeling door het mulle zand. We hebben onszelf op een ijsje getrakteerd.
Rond 15u45 ging het dan richting laatste stop: den Tilsandede Kirke. Onderweg nog even tanken. Het kerkje is het enige dat overbleef nadat zware zandstormen het dorpje deden verdwijnen. Een korte wandeling er naartoe. Leon heeft de toren nog even bezocht en kon zo van het uitzicht genieten en foto’s maken.

Elke bleef even buiten met Timber. Nadat we ons dagelijks appeltje aten, vertrokken we op zoek naar een slaapplekje.


Dit vonden we op Jerup strand. We wandelden er over het strand en Timber kon even vrij hollen. Het leek ons een rustige plek, op een parking net aan de (Oost-)zee. Lang stonden we hier alleen. Ondertussen zijn er 2 campers, een autocamper en een auto met daktent gearriveerd. Een auto met caravan vond het blijkbaar niets, die is weer vertrokken. Het is hier ook een komen en gaan van auto’s die snel even parkeren om de hond uit te laten. Maar met een prachtige zon die langzaam ondergaat, genieten we toch van dit plekje.

6 juli 2022

Het werd een rustige nacht. De wind was afgelopen nacht wel gedraaid. Na het ontbijt en de gebruikelijke toertjes met Timber nog snel water bijgevuld. De slang lag er voor. We moesten een klein stukje terug op de weg die we daags voordien hadden gereden. Bestemming Klitmøller. Dit is een visserhaventje waar de schepen nog op het strand worden getrokken. Er hangt een authentieke sfeer. Het is blijkbaar ook een plek die geliefd is bij surfers want de parkeerplaats waar we even stonden werd “Cool Hawai” genoemd. Aan de hoeveelheid lege krabbenschalen te zien die op het strand lagen en aan de fuiken tegen de huisjes wordt er ook op krab gevist. De viswinkel was jammer genoeg nog niet geopend. Na een wandeling op het strand en door het stadje weer richting OLLI.

Rond half tien vertrokken we richting Hanstholm. Dit is een erg jonge stad met en grote vissers- en verkeershaven. Van hieruit vertrekt een ferry richting Noorwegen. Op de heuvelrug bij de stad staat een vuurtoren Hanstholm Fyr. Het is de vuurtoren met het sterkste kustlicht van Denemarken. Het was de eerste vuurtoren in Denemarken die echte lenzen gebruikte samen met paraffine kaarsen en later was het de eerste met elektrische licht. Als je een ticket koopt om de vuurtoren te beklimmen mag je ook de gallerij met plaatselijke kunst bekijken. Na het beklimmen van weer een boel trappen was het uitzicht vanop de toren best spectaculair. Voor Elke in elk geval een geruststelling want de vuurtoren had een stenen rand.
Naast de vuurtoren staat een klein kerkje: Hansted Kirke. Sober met aan het altaar een schilderij dat is gemaakt door de eerste vuurtorenwachter. Een leuk wistjedatje over de kerk: er wordt alkoholvrije miswijn geschonken (dit stond achteraan in de kerk op een bordje). Een belangrijk gegeven over de kerken in Scandinavië is dat ze allemaal een toilet hebben. Erg handig als je op doortocht bent.

Nog even snel de pijlen “havnudsigt” gevolgd om vanuit de hoogte een blik te werpen op de haven.
Rond 10u45 vertrokken we via de Margrietroute richting Bulbjerg. Zoals vaak slingerde de weg tussen velden vol met tarwe, rogge, haver en gerst allen naast elkaar. Bulbjerg is een kalksteenformatie, meerbepaald resten van een eiland dat in de oertijd uit de zee rees. Hier bevindt zich de enige vogelrots van Denemarken, vooral dan voor broedende meeuwen. In de bunkers die je nog aantreft rond de parking vliegen zwaluwen in en uit. Om de rots goed te kunnen zien moet je naar het strand, dus 47m naar beneden. En ja hoor, dat gebeurt met trappen. Aan de ene kant was de rots wel te zien maar niet de vogels. Vermits je omwille van het gevaar van vallende stenen niet over het strand om de rots mag, en het op het moment dat wij er waren ook vloed was, moesten we dus terug de duin op. Dit keer deden we dit oldschool, gewoon weggetjes volgen. Stukje over de duin gewandeld en aan de andere kant weer naar beneden. Ook hier trappen, al waren die grotendeels al afgekalfd. Hier waren de rots en de meeuwen goed te zien. Na wat fotootjes weer naar boven. Wat opvalt op de stranden is dat er speciale bakken staan waarin afval dat uit de zee komt kan worden neergelegd (stukken ton, reddingsvest…)


Om half één dan lunch om na een uurtje verder te rijden richting Slettestrand. We hebben hier alleen maar een foto genomen van het bordje. Dit konden we niet zomaar laten voorbijgaan.

Eigenlijk waren we op weg naar Naturcenter Fosdalen. Een groot dal dat door de heuvelrug Lien snijdt. Vroeger was dit een haven waar de Noorse schepen aanlegden om graan uit Denemarken te ruilen voor hout/boomstammen uit Noorwegen. Nu kan je er mooi wandelen. Stapschoenen aan en een wandeling van een klein uurtje door de bossen. Een beetje klimmen en dalen, en jawel hoor met trappen. In het dal was naast en over het riviertje een houten pad aangelegd. Zo bleven onze voetjes proper.


Nadien ging het even over een grindweg terug naar de Margrietroute om zo naar Blokhus te rijden. Vanaf daar ging het ruim 12km over het strand richting Løkken.

Hier sloten we weer aan op de Margrietroute om op zoek te gaan naar een nachtplek. We hadden een mooie gevonden in Mårup Kirke. Hier was een camperplekje boven op een klif. Spectaculair uitzicht, alleen niet zo ideaal met een hefdak in combinatie met windkracht 4-5. We zijn dan maar enkele kilometers teruggereden en staan nu ter hoogte van Virtrup op de Løkkenvej.

Een mooie ruime plek met een tiental campers. Er is een wc en een douche (alleen niet meer in zo’n beste staat). Jammer genoeg is het beginnen regenen tijdens het koken. Daardoor hebben we binnen gegeten.
Wat ons nog opvalt, buiten de soms slechte bewegwijzering, is dat de toeristische informatie bij belangrijke punten slechts heel zelden in het Engels of Duits is. Dat maakt het soms moeilijk voor een toerist. Verder wordt, in tegenstelling tot Noorwegen en het Zweden dat wij herinneren, ter hoogte van de kustdorpen alles zoveel mogelijk volgebouwd.