Zalig rustige nacht en tot 7u15 geslapen. Ontbijt volgens vast stramien. Het weer is duidelijk een beetje anders de voorbije dagen. Erg bewolkt en de zon heeft moeite om er door te komen. We vertrekken van de camperplek naar de camperplaats in het centrum. Daar lozen we de wc en het vuile water en vullen het drinkwater weer aan. We kunnen weer verder en hoeven ons vanavond geen zorgen te maken. Het doel vandaag is Bardenas Negra in het zuiden van de Bardenas. Het zwarte stuk is meer begroeid niet alleen met struiken maar ook met bomen. Het zwart is eigenlijk meer grijs. Terwijl de rotsen in Bardenas Blanca voornamelijk oker en roodachtig zijn, is het hier dus grijs en rood. Maar eerst moeten we er geraken.








Vanaf het centrum vertrekken we naar de Bardenas en dan meer bepaald de ingang ter hoogte van El Paso. Daar hadden we een straat/weg gezien waar geen verbodsbord bij stond en die officieel naar een slaapplaats zou leiden. Het weggetje had zelfs een straatnaam. Een singleroadtrack kronkelend tussen de akkers. Buiten 2 boeren op het werk op hun akker zagen we niemand. We vinden het een prima weggetje en genieten van de weg en het uitzicht. Aan het einde van de weg, net voor we de eigenlijke weg opdraaien zetten we de auto stil. Achter ons staat een bord dat je de straat niet in mag. Maar wij staan er gelukkig met ons kont naartoe gericht.



















Op dat moment stopt er een auto van de Guardia Civil. De agent achter het stuur gebaart ons dat we daar weg moeten. We rijden er af en zetten ons op de eigenlijke baan. Zij zetten hun auto naast de onze en stappen uit. Raampje naar beneden. En 1 agent begint in het Spaans dat we daar niet in mogen en dat daar een bord staat. We vragen of we Engels mogen spreken. Dat kan, zeggen dat we de auto van de weg hadden gezet en dat we op de kaart aan het zoeken waren hoe we op een andere plek zouden kunnen geraken. Hij pakt de kaart, zegt dat die niet deugd maar helpt ons toch een beetje op weg met de melding dat we dan een stuk uit Navarra moeten en door Aragon rijden wat voor hem niet belangrijk was. Netjes rijden we de aangegeven route, worden nog een tijdje achtervolgd maar komen dan aan op een weg die ons wel naar de Bardenas Negra leidt.














Onderweg zien we langs de randen van de akkers een betonnen irrigatiesysteem, we komen het in dit stuk meerdere keren tegen. Het eerste stukje is nog door Navarra hier worden we verwelkomd door een grote roofvogel. Het stuk door Aragon is echt de moeite. Langs een grindpad klimmen we naar de top. Niemand zien we op 3 motorrijders na en een wandelaar terwijl we staan te lunchen. Leon haalt zijn hart op met door de plassen te rijden en het betere stuurwerk uit te voeren om niet in de greppels of de diepe sporen te rijden. Heerlijk zo’n weggetje. En dan vonden we dat van eerder al een topweg. Wat een ander landschap ook. De bomen, het groen, de kruiden. Hier in dit stuk kan je alles beleven met geur van de kruiden: (citroen-)tijm, rozemarijn,…. Zalig. Na de lunch maken we wat foto’s van de bloemen daar in de buurt. En zien dat maretak ook weelderig kan groeien in naaldbomen. We rijden verder en bereiken uiteindelijk Sancho Abarca Sanctuary. Op het plein voor de huizen zetten we onze auto. Bizar: een grote parking, verschillende tafels en banken en vuilbakken maar niemand te zien ook al is er een hotel en een bar. Ook bevindt zich daar een kerkje maar dat is niet open. We rijden een klein beetje terug naar beneden en zetten onze auto op een parking aan het begin van enkele wandelingen.


















Ook hier lijkt er in lange tijd niemand geparkeerd te hebben, dat merken we aan de hoogte van het gras in de parkeervakken. Het zijn allemaal korte wandelingen dus combineren we ze en krijgen ze een beeld van de omgeving. Erg mooi. Een gier komt ons gezelschap houden hoog in de lucht. Op de parkeerplaats eten we onze appel en kijken we hoe we naar Peña del Fraile kunnen geraken. Het is niet de bedoeling om dezelfde grindweg te nemen. Het wordt nu een slingerbaantje in asfalt. We bereiken de plek, doen onze stapschoenen weer aan en vertrekken op de wandeling. Het gaat op en neer en op sommige plaatsen is het duidelijk dat de regen het pad wat wegspoelde maar het is goed te lopen. Ook hier weer een totaal ander landschap en is er een duidelijk zicht op het kleurverschil in de rotsen. Weer adembenemend mooi. We lopen verder tot we bijna aan de top zijn. Achter ’t hoekske zouden we er zijn maar dan vallen de eerste druppels en wordt de lucht boven ons erg donker en steekt er een koude wind op. Vermits regen de ondergrond in modder doet veranderen en er een paar moeilijkere stukken bij zijn, besluiten we om terug te keren en niet verder te gaan. De lucht daar op dat punt blijft erg donker maar wij komen droog en zonnig weer aan de auto aan.













Tijd om een camperplek te gaan zoeken. Maar eerst moeten we de herder met zijn kudde de straat laten oversteken. Een kudde van zeker 200 schapen en 20 tal geiten aangevoerd door 3 borders en een herder (al dan niet in zijn auto). Boeiend schouwspel. Dan op weg naar Fustiñana, daar is een camperplaats. In het dorp vinden we ook nog een winkel. Bananen zijn er niet: mañana. We vinden iets dat op brood trekt en nemen wat tomaatjes en mandarijntjes mee. Ook komkommer is er niet. Dan vinden we de parkeerplek en zetten ons voor de nacht. Onder het citaat van Bompa zaliger “ge moet niet koken, bakt maar een ei” wordt het een snelle hap met tortilla, ei en veel groenten. Omwille van de harde wind brengen we het laatste uurtje toch maar in de camper door. Het was weer een avontuurlijke dag. Een prachtige omgeving.


