
Ondanks het feit dat we vrij dicht tegen de autosnelweg stonden, hebben we toch goed geslapen. We waren wel redelijk vroeg wakker. Tijdens het koffie en thee zetten vielen er druppeltjes maar niet voldoende om naar binnen te gaan. We konden verder droog eten en Timber uitlaten. Alles ingeladen en vastgezet en voor de laatste keer vertrokken in Finland richting Tornio. Om niet de gehele tijd over de grote baan te moeten rijden werden ook de kleinere weggetjes genomen. Het grootste deel van de tijd volgden we nog steeds de Strandvägen. Op 1 van die kleinere wegen zagen we wel een heel origineel verkeersbord: opgepast vallende sparren/dennenbomen.

We reden op dat moment in de buurt van een gebied waar ze de bomen aan het rooien waren of aan het opstapelen. De lucht bleef de gehele tijd erg dreigend en af en toe was er een bui. Ter hoogte van Simo passeerden we de grens van Lapland. Iets verder was het de beurt aan de stad Kemi. Dit is vooral een industriestad en Finlands enige diepzeehaven. We vonden het maar een mistroostende stad en zijn er eigenlijk gewoon doorgereden. In de winter zou het wel erg druk zijn en dit dan vooral door de enige privé ijsbreker en zijn vaarten.
Ons eigenlijke doel was de Alatornio Kirkko in Tornio. Deze kerk maakt integraal deel uit van de geodedische boog van Struve. Deze boog of graadmeting is 2820 kilometer lang en begint in Hammerfest (Noorwegen) en loopt tot de Zwarte Zee. In Hammersfest (het meest noordelijkste punt, en wat we bezochten in 2014) staat een meridiaansteen. Het doel van deze boog was om zo nauwkeurig mogelijk over grote afstand het aardoppervlak te bepalen in vorm en grootte. De kerk is 1 van de 2 gebouwen op de boog, voor de rest zijn het merkpunten. De boog maakt deel uit van de UNESCO-werelderfgoedlijst.



Toen we aankwamen aan de kerk was het droog en konden we buiten foto’s maken. Binnen lukte niet omwille van een begrafenis. Uit respect dan maar in de auto onze lunch ook opgegeten zodat we niet aan de tafel aan het eten waren. Jammer genoeg hadden ze na de dienst de kerk afgesloten zodat we er niet binnen konden.
Dan maar even door Tornio centrum gereden. Tornio ligt op het meest noordelijkste punt van de Botnische Golf en vlak aan de grens met Zweden en is één van de oudste steden van Noord-Scandinavië. Meer nog de Zweedse stad Haparanda is enkel van Tornio gescheiden door de Torniojoki. Vroeger was het 1 stad maar na de Russische invasie moest Zweden Finland afstaan aan de Russen en werd beslist om de rivier als grens te gebruiken. Het is dus enkel een brug die het mogelijk maakt om tussen de 2 landen te bewegen. Op onze route door de stad, met vooral nieuwere bebouwing, kwamen we ook de Tornion Ortodoksinen Kirkko. Een lieflijk kerkje, ooit gebouwd voor de Russische soldaten. Jammer genoeg was ook deze kerk gesloten.



Dan maar wat verder rijden naar de Tornion Kirkko, de Lutherse kerk. Een volledig houten kerk waarvan, volgens de reisgidsen, de binnenkant erg mooi zou moeten zijn. We konden ook hier niet binnen omwille van een begrafenis.


Dan maar snel naar het winkelcentrum om nog wat inkopen te doen. En dan naar de brug. Halverwege staat een paal met aan de ene kant Sverige en aan de overzijde van de brug Suomi. Het was een erg vlotte manier om te reizen tussen deze 2 landen. Geen dounacontrole, geen hondencontrole, niets. Vlak na de brug ligt een groot winkelcentrum met ook een IKEA. Deze is ‘ werelds meest noordelijke Ikea. Hij wordt bezocht door Noren zelfs uit Tromsø als door Russen uit Moermansk. Wij bezochten vooral de parking omdat daar een loospunt is voor chemisch toilet. Paar keer rond de camperparking gereden om te zien of er ook water kon gehaald worden. Dit ook gevraagd aan supporters van de auto (bleken Nederlanders met een Portugese camper) maar niets gevonden. Dan maar vuil water en wc geloosd. We zouden vast nog wel iets gaan tegenkomen.
In Finland hadden we eigenlijk nog naar de grootste wilde stroomversnelling willen rijden maar dat was best stom met de grensovergang op de brug want dan moesten we heen rijden en nog eens terug. Dan maar aan de Zweedse kant gaan kijken. Ter hoogte van de Kukkolankosk (Fins) of de Kukkolaforsen (Zweeds) wordt nog gevist zoals in de Middeleeuwen: met een net.
De vissen zwemmen de rivier stroomopwaarts om te paren maar af en toe rusten ze. De visser gaat dan met zijn visnet tot over de bodem op een plek waar de rivier wat rustiger is en de visser er van uit gaat dat de vis daar even rust. Van zodra hij voelt dat er een vis in het net zit draait hij de opening van het net stroomopwaarts waardoor de vis blijft zitten in het net. Tijdens het seizoen worden er tot 1000 vissen per dag gevangen en tot 6 per schep. Als particulier mag je dit niet doen, dan maar 2 gerookte vissen daar gekocht.

Rond de vissteigers staat nog een ouderwets dorpje.






Het klokkentorentje is niet van een kerk maar duidde het begin en einde van een werkshift aan. Op de Finse kant staat er ook 1. Naast de parkeerplek om deze versnelling te bezoeken ligt een camping. Binnen bij de receptie gevraagd of we onze watervoorraad mochten aanvullen. Antwoord: dat mag , het is gratis want we zijn in Scandinavië, daar hebben we genoeg water. Dus water aangevuld en verder gereden. Even noordwaarts om zo dan naar het westen te kunnen afdraaien richting zuiden (huis).
Onderweg kwamen we een pijl tegen naar een ander Struve-punt. Grappig. Gisteren per toeval de kerk ontdekt als punt en nu komen we een tweede punt tegen. De pijl gevolgd tot op een plek waar stond dat je de volgende 5 km te voet of per auto kon doen. Maar dat de weg niet geschikt was voor campers, bussen, auto’s met caravan. Gezien de staat van de weg vonden wij dat onze auto wel geschikt was voor de weg te vervolgen. Onderweg kwamen we nog wel een bordje tegen dat de weg berijden op eigen risico was. Gedurende de tocht enkele keren midden in het bos een pijl gezien naar het punt. Na de 5 km stond er een bord dat het punt nog 500 meter verder in het bos lag en te voet te bereiken was.







De wandeling was mooi gemarkeerd met paaltjes met het Unesco-symbool op. Toch blij dat ik even mijn stapschoenen aandeed, het was geen eenvoudig paadje maar wel erg mooi. We zagen onderweg nog redelijk verse elandenpoep en rendierpoep. Ze zitten er dus wel, nu hopen dat ze ook nog eens te voorschijn komen. Het merkteken was dit keer een paal met 2 pijlen op. Zelfde weg terug en besloten om op die plek alvast te koken en te eten. We hadden honger, een beetje last van de jetlag (hihi) door het tijdsverschil met Finland. Het was er erg mooi en vooral heel stil end droog.

Daarvandaan over het pad verder gereden. De kwaliteit werd er niet beter op maar het was wel erg mooi. En zo kwamen we aan de grotere baan. Na een dik half uur een zijweg ingeslagen en nu staan we daar om te slapen. Wel zonde want nu regent het terwijl ik zit te typen. Het wordt in elk geval vroeg naar bed want het was toch een bewogen dag.




