12 april 2025

Voor een stad is dit een redelijke plek. We konden rustig slapen zonder al te veel nachtlawaai. Iets over 7 uit bed. Het is best fris dus we voorzien ons op een mindere dag. Jassen in de rugzak, lange broek voor mezelf. We trekken richting Pamplona. Ook deze keer wordt het eerst een wandeling van 4 km tot de stad. Parkeren in de stad is duur, vaak zijn de straten voorbehouden voor bewoners om er te parkeren en de parkeergarages zijn niet hoog genoeg. Gelukkig is het dit keer een mooie wandeling tussen groene bermen naast de spoorweg. Het voordeel van zo te voet een stad binnen te wandelen is natuurlijk wel dat je ook door de buitenwijken loopt. Eens aan de oude stad aangekomen botsen we letterlijk op de stadswallen. We wandelen langs smalle straatjes richting de kathedraal en passeren eerst het Archivo de Navarra. De portier opent net de deur en laat ons het grote maquette van de stad zien.

We wandelen verder en staan versteld van de mooie gekleurde huizen die we in de straten zien. Dit hadden we niet verwacht, tot nu toe waren ze eentonig beige/bruin.

Aangekomen bij de kathedraal is het eerst de beurt aan Leon. Er zit nog niemand aan het loket voor een ticket. Terwijl ik sta de wachten met Timber komt er uiteindelijk wel een dame voor het loket. Eens Leon buiten is, is het mijn beurt maar het is nog geen half elf, dus ik mag niet binnen. Ik vraag waarom anderen wel binnen mogen gaan zonder ticket. Uiteindelijk mag ik me een ticket aanschaffen (3 euro) en krijg ik toegang. Terwijl ik rustig rondloop, bewonder ik het vele goud in de kerk. De Santa Maria de Real is een 15de eeuwse kathedraal met een neoklassieke voorgevel. Mijn ticket geeft me ook toegang tot het gotische klooster. Mooie grote gangen om een goed onderhouden kloostertuin leiden me naar enkele kamers sommigen met een prachtig houten vloer. Wat een voorrecht. Later bij onze wandeling op de wallen, zien we hoe de kathedraal hoog boven de stad uitsteekt.

Van de kathedraal op weg naar de arena bezoeken we nog de Iglesia San Augstin. Wat ons al een paar keer is opgevallen in de afgelopen dagen, is dat het moeilijk is om een mooie foto van een kerk te maken omdat deze heel vaak omringd of ingesloten worden door huizen. Dit is ook nu weer het geval. We bezoeken de kerk om beurten. De kerk is soberder dan de kathedraal maar toch ook nog best mooi.

Dan lopen we echt tot aan de arena. Voor de ingang staat een groep nationalisten met vlaggen. We horen ze een strijdlied zingen. We kunnen iets naast de grote ingang naar binnen in de arena. En… Timber mag mee. We betalen de inkom (8 euro pp) en krijgen een QR-code voor een audiorondleiding in het Nederlands. We starten met een video die ons meeneemt naar de Ferio del Toro ofwel de stierenloop door de straten van de stad. Dit tijdens de San Ferminfeesten in juli. Het is best imponerend om te zien. Na de video opent zich een gordijn en sta je aan de rand van de arena. De rondleiding werd onderverdeeld in 3 grote blokken, dus eerst de video, dan het deel over de stieren en deel 3 gaat dan over de matador. Overweldigend groot is de arena, we worden er even stil van. Hier krijgen we te horen dat achter de houten wand de belangrijkste mensen van de matador staan in de ā€œgangā€. De arena heeft verschillende soorten zitplaatsen, al dan niet overdekt en de prijs is ook nog eens afhankelijk of je in de zon of in de schaduw zit tijdens het spektakel. De duurste plaatsen waren deze in de onderste ring. Als we door de eerste poort gaan zien we aan de zijkant betonnen muurtjes met kijkgaten. Hier kan de assistent schuilen als er iets mis loopt met de stier. Je hoeft niet al te dik te zijn om er achter te kunnen.  Even later komen we door de verschillende soorten stallen. Deze waar de stieren wachten. De eigenaars van de stieren brengen eigen voedsel voor de stieren mee, zodat het de stieren aan niets ontbreekt. Via stereoviewers krijgen we een kijkje in de stal. We nemen door de kijkers enkele foto’s. In de stal waar de stieren wachten voor ze de arena ingaan wordt een film getoond over het leven en opgroeien van de stieren op het platteland. Ook hier proberen we foto’s te maken. Een laatste zaal, de stal waar er normaal gezien een 40-tal paarden wachten tijdens de echte stierengevechten, is zo opgebouwd dat we daar op schermen het klaarmaken van de matadors kunnen zien. De plaats na deze stal is in feite een binnenplaats zoals je ze vaak ziet in Spanje. Hier wacht de matador met zijn entourage. Er is ook een verzorgingspost en een kapel. Naast de kapel konden we de kledij van de matadors bewonderen. De kostuums zijn vaak bezet met gouddraad. We zien ook de hoeden van de toreros, picadors…maar ook de schoenen en de sokken. In de kapel trekt de matador zich terug enkele minuten voor het binnengaan van de arena. Hij bidt hier tot Onze-Lieve-Vrouw Van Smarten van Pamplona of tot de Maagd van La Macarena. Hier legt hij bidprentjes neer op het kleine altaar. In de hall zien we ook de capes die worden gedragen bij de openingsceremonie. En dan krijgen we toegang tot het middenplein. Het zand van het plein is in de meeste arena’s geel maar dat van Pamplona is wit, het moet een betere afwatering hebben en in staat zijn om veel vocht op te nemen want in Pamplona regent het veel. Daags voor de San Ferminfeesten wordt alle zand vervangen. Er zijn ook jongens die tijdens de gevechten het zand terug oprijven. Wanneer wij op het middenveld staan is de matador die aan het oefenen was, even aan het rusten. Bij het binnenkomen van de stad zagen we kunstwerk van stieren: dit is de beginplek waar de stieren worden losgelaten bij de stratenloop. Een deel van de hekken die er staan om de toeschouwers te beschermen staan nog op de straat. Op de grond zie je op vele plaatsen in de stad putdeksels om nog hekken te zetten. Het was een indrukwekkende rondleiding. We zijn niet voor de stierengevechten zelf maar het was interessant om te weten te komen hoe de traditie is en wat er leeft rond Pamplona. Meer dan de moeite waard dus.

Na de rondwandeling in de arena beginnen onze magen een beetje te knorren. We wandelen richting Calle Estafeta op zoek naar een tafeltje. We zijn duidelijk niet de enigen. Het is er erg druk en het meeste is volzet of zijn barkrukken aan tafeltjes wat niet handig is met Timber. We loodsen Timber door de drukte en komen uit op een centraal plein: Plaza del Castillo. Net als in Tudela staat hier en muziektent in het centrum. Omgeven met bloemen en fontein(en). Ook op het plein heerst een zekere levendigheid. Het is er een komen en gaan bij de vele restaurants en bars. Bij CafĆ© IruƱa is het erg druk. Dit cafĆ© is dan ook het bekendst op het plein en was een geliefde plek voor Hemingway. Op dit plein is het dus op zaterdag niet waar wil ik eten maar eerder waar kan ik eten. We vinden een plekje bij El Quiince Plaza en bestellen de menu. Als voorgerecht kiezen we beiden de vissoep, als hoofdgerecht de vis van de dag. Leons dessert is  curd (soort yoghurt) met honing en walnoten, het mijne is custard met een Mariakoekje. Het smaakt. Ondertussen stroomt het terras erg vol. Het is duidelijk een gewoonte om op zaterdag met de hele familie te gaan eten.

Na het eten lopen we verder door de straten aan de andere kant van het plein. We passeren vele mooie en indrukwekkende gebouwen en kerken maar deze zijn rond deze tijd van de dag gesloten. Jammer. Toch zijn de gebouwen ook aan de buitenzijde meer dan de moeite om te zien.

Aan de achterkant van de kathedraal wandelen we verder naar Rincòn del Cabalo Blanco (de hoek van het witte paard), één van de rustigste plekken van de stad. Als we over de stadswal kijken zien we oude fundamenten liggen. Vanaf hier wandelen we verder over de stadswallen. De vergezichten over de stad zijn de moeite. We passeren zo het Fortin de San Bartolomé, het fort van Bartolomé. We kunnen enkel een blik werpen door de tralies want het is op dat moment niet toegankelijk.

Van hieruit wandelen we naar het Monumento al Encierro ofwel het monument van de stierrenrennen. Het is het bekendste beeldhouwwerk van de stad. We komen op onze wandeling door heen de stad en gespreid over de dag vele andere beeldhouwwerken en monumenten tegen.

Aan het einde van de winkelstraat nemen we bij Taberna ons vieruurtje. Het bakkertje heeft allerlei lekkers. Ik bestel een koffie en thee en 2 verschillende gebakjes. We delen zodat we elks beide kunnen proeven. Ze zijn erg lekker. Vakwerk.

Eens we weer op pad zijn en er stilaan aan denken richting auto te wandelen zien we dat de Basilica San Ignacio open is. We brengen ze om beurten een kort bezoekje.

Om dan verder te wandelen naar Parque de la Taconera. Een erg mooi park wat deels wordt vormgegeven door de stadswallen. De bloemperken zijn mooi van kleur. Het park is erg stijlvol, het is fijn om er even te wandelen na de drukte van de stad. Er is ook een deel van het park waar pauwen, eenden, ganzen, zwanen en kippen vergezeld van vele hanen, heerlijk kunnen rondscharrelen of zwemmen. We zien kleine eendjes in het water en kleine gansjes op het gras. Dan vatten we de terugweg naar de auto aan.

Aan de rand van de stad zien we nog een kerk, en ze is open: Parroquia El Salvador. Nog snel een kijkje nemen binnen vooraleer een dienst gaat beginnen. Via een andere weg komen we dan terug uit op de wandel-fietsweg richting auto. Daar aangekomen is het tijd om even op adem te komen en alvast de foto’s te sorteren. We zitten nog even rustig buiten tot het iets na zevenen erg donker begint te worden. Een klank- en lichtspel volgt met een boel regen. Tussen de buien door even Timber uitlaten en dan is het bedtijd.9

12