Categorie: 2026 Zweden (2)

14 juli 2026

We zijn behoorlijk vroeg wakker. Wanneer ik iets na half zeven Timber wil uitlaten, stopt er al een auto met hetzelfde doel: de honden uitlaten. We kiezen beide een andere route op het grote domein. Na het ontbijt loop ik met Timber nog een iets langer rondje, om daarna weer op weg te gaan. We zitten niet zo ver van de snelweg dus rijden snel richting Hamburg. Het gaat daar vlot en we passeren de ring van deze stad zonder file. Aan de andere kant loopt het wel vast. We houden halt iets voor de werken in Bremen voor een koffie/theepauze met kanelbullar. Deze laatsten verzachten het afscheid van Zweden een beetje. Ondanks de werken gaat het voor onze richting zonder al te veel oponthoud voorbij Bremen. Daar nemen we, in plaats van de gebruikelijke weg naar Osnabrück, deze naar Oldenburg en Leer. Zo vermijden we een file die op dat moment al een vertraging van 20 minuten aangeeft.

Net voor de grens met Nederland lunchen we in de schaduw op een parking, waarna we nog even van de snelweg gaan om te tanken. We zijn daar duidelijk niet de enige. Er staan 4 auto’s met gele nummerplaat en na ons wachten er nog 2. Valt het op dat de brandstof in Duitsland beduidend goedkoper is dan in Nederland? Ter hoogte van Emmen komen we Nederland binnen en gaat het via Zwolle, Arnhem, naar Nijmegen, den Bosch, Tilburg en Breda. Onderweg hebben we verschillende keren een korte file. We houden tussendoor nog even een korte break op de parking van een benzinestation en zien daar een vrachtwagenchauffeur bekeurd worden door de politie. Via de E19 rijden we België weer binnen waarna we de weg vervolgen via de Liefkenshoektunnel. Met de gebruikelijke frietjes sluiten we deze trip af en komen weer veilig thuis van een korte Zwedentrip waarin we veel moois zagen in het zuidelijke deel van het land, het deel waar we meestal alleen maar doorrijden.

13 juli 2026

Heerlijk geslapen tot ruim 6u45. Terwijl ik Timber uitlaat, horen we een gesnuif en getrappel in het bos. Timber bevriest, gaat zitten en zijn neus gaat in de lucht. We blijven even staan maar zien niets verschijnen. Jammer. Na het ontbijt zoeken we op de kaart nog iets om te bezien voor we vandaag Zweden zullen verlaten.

We vinden een kerk, deze is het geografisch middelpunt van Skåne län. Dat vinden we reden genoeg om die kant op te rijden. We stellen de GPS in op geen hoofdwegen, dorps- of stadskernen en gaan op weg. We passeren vele mooie huizen, sommige hebben nood aan wat verfraaiing, anderen staan er prachtig bij. Maar vooral: rijden we over kleine en heel kleine weggetjes en aan het einde van de rit zijn we hooguit 5 auto’s tegengekomen.

Halverwege de voormiddag stoppen we even voor koffie en thee met koek. Volgens de GPS staan we aan de rand van een meer, maar zoals zo vaak in Zweden hebben ze er ook een reeks bomen rond gezet en krijgen we het meer dus niet te zien. Maar we staan rustig. Rond het middaguur bereiken we de beoogde kerk in Södra Rörum. We bekijken ze langs buiten. Wat dit keer opvalt zijn de helblauwe glaasjes als boord van de ramen. Jammer genoeg is de kerk gesloten en kunnen we niet naar binnen. We proberen wat foto’s te maken door de ramen maar dat wordt duidelijk geen succes omdat er ook nog ramen aan de binnenkant zijn. De oorspronkelijke kerk stamt uit de 12e – 13e eeuw. Deze kerk had geen toren maar een klokhuis. In 1968 werd de toren gebouwd waarna de grote en kleine klok er naartoe verhuisde. Maar toen bleek dat het aanleggen van de elektriciteit om de klokken te laten luiden te duur was, is de kleine klok verhuisd naar het wapenhuis verderop. Na een brand werd de kerk in 1820 hersteld om zestig jaar later weer van uiterlijk te veranderen, iets wat nog meermaals gebeurde nadien. Na de kerk rijden we wat verder om te lunchen. Ook nu weer aan een bijna niet gebruikte weg. Deze weg is afgesloten met een slagboom. Ik wandel er even in met Timber en ontdek alleen maar vervallen en (deels) ingevallen schuurtjes. Het is duidelijk waarom de weg niet meer wordt gebruikt.

Na de lunch gaat het richting ICA om de laatste inkopen te doen van Zweeds lekkers. We vullen ook de tank nog met diesel en dan is het in rechte lijn naar de Öresundbrug. We krijgen groen licht zonder dat we dienen te betalen. We vermoeden nummerplaatherkenning door de heenreis en verwachten een rekening thuis. Bij het uitrijden van Zweden druppelt het lichtjes, ook het land is triest bij ons vertrek. De reis over de brug en door de tunnel gaat soepel.Iets na de splitsing Rødby/Odense is het file. Op de pechstrook staat een kleine vrachtwagen zonder wiel. We kennen het gevoel en leven even mee. Daarna gaat het vlot richting de Store Bæltbrug. We betalen de tol en rijden weer verder. Niet veel later zetten we ons op een parking om wat te koken. Het is nog even rijden tot onze geplande slaapplek. We kunnen ons aan een picknicktafel zetten, een beetje afgezonderd maar toch volop zicht op de camper. Timber legt zich rustig bij ons aan de tafel. Het koken gaat prima, het eten smaakt. Nog even een rondje over het grasveld naast de parking met Timber en we kunnen weer verder.

Iets voor Kolding zijn ze aan de weg aan het werken maar het blijft vlot rijden. Niet veel later passeren we grens ter hoogte van Flensburg en rijden zo Duitsland binnen.

Iets voor Neumünster vinden we een slaapplek op een rustige parking. We hebben er het gezelschap van een lege aanhangwagen, een verlaten camper en een in de steek gelaten caravan. Kortom we staan alleen. Het voorbijrijdend verkeer is wel duidelijk aanwezig. Terwijl ik snel Timber uitlaat op een mooi terrein naast de parkeerplek, zet Leon het dak open en is het daarna bedtijd.

12 juli 2026

Zoals de vorige dagen ook nu weer vroeg wakker, bij de andere campers heerst nog volledige rust. Terwijl ik met Timber een rondje liep, moest Leon even de gereedschapskoffer boven halen. Een zekering was gesprongen. Een doorgebrande draad naar het lampje achteraan binnen was de dader. Voordeel van in de zomer in Zweden te zijn: dat lampje hebben we nu niet nodig.

Na het ontbijt werd het wandelen geblazen in het nationaal park. Dit park bevat een ongerept oerbos waar je vooral met mos bedekte rotsen vindt. Het lijkt wel als je er door wandelt, dat sommige rotsen zo tot leven kunnen komen en net als bij Frozenfilm tot trollen worden omgevormd. Het heeft wel iets magisch. Het schouwspel van de verschillende soorten en kleuren mossen, zowel op de rotsen als aan de bomen is prachtig. De wandelroutes leiden naar de 2 stilstaande meren : Stora Idgölen of Trollsjön genoemd en de Lilla Idgölen. In de meren vind je waterlelies, gele plomp en waterklaver. We starten met de route naar de Lilla Idgölen en krijgen direct een pittig klimmetje te nemen. Onderweg zien we buiten de rotsen met mos ook wroetvlekken van wilde zwijnen. Het pad is niet altijd even makkelijk te begaan omwille van de vele rotsen en stenen maar ook regelmatig door een omgevallen boom. In het park wordt niet gerooid. Enkele wordt er af en toe de kettingzaag bovengehaald als een omgevallen boom het pad te hard belemmerd. Het vele dode hout dat gewoon achterblijft voor insecten en kleine dieren maakt het bos helemaal speciaal. Dat de bomen die er staan best oud zijn en ook erg traag groeien, kunnen we zien bij een doorgezaagde stam waar de jaarringen wel erg dicht bij elkaar liggen.

Na het kleine meer koppelen we de route van het grote meer eraan. Na een toch wel glooiend parcours komen we weer aan de auto. We nemen nog koffie en thee aan de picknickplek met uitzicht op nog een ander meer en gaan daarna weer verder.Via de grindweggetjes gaan we op pad. We verlaten deze even omdat we moeten tanken.

Terwijl Leon de tank vult, zie ik een pijl: Mariannelunds Karamellkokerie. We besluiten even de straat in te rijden. Aangekomen aan het winkeltje staan er veel auto’s, we parkeren even op de straat. In het winkeltje ruikt het zoet. Achter het glas zijn enkele jongeren volop bezig de zoetigheden te verpakken. Er staan verschillende soorten klaar op een rek om te verpakken. Omdat het zondag is, zien we geen snoep maken, wel jammer. In de winkel zelf staan vele proevertjes. We testen er enkele en laten ons daarna verleiden om wat fudge in een zakje te doen, we vullen aan met een zakje citroen- en een zakje violetsnoepjes en rekenen dan af.

Zo zie je maar dat je niet alles hoeft voor te bereiden om leuke ervaringen op te doen. Niet veel verder botsen we in Näshult op een rode, houten kerk. Net als gisteren staat de toren apart. We bekijken de kerk aan de buitenzijde want ze is enkel van maandag tot en met donderdag geopend. Als je goed kijkt heeft het schip de vorm van een boot. Blijkbaar zou de kerk beroemd zijn om zijn stenen sacristie die stamt uit de Middeleeuwen. We slagen er in om enkele foto’s van de binnenzijde te maken door de vensters.

We rijden verder over zo klein mogelijke (grind-) wegen tot ons eigenlijke doel: de houten kerk van Granhult. Deze kerk zou officieel de oudste houten kerk van Zweden zijn. Aan de zonzijde heeft de kerk een afgebleekte kleur, aan de noordkant is ze nog sterk geteerd. We kunnen hier wel binnen. Muren, banken en plafonds: het meeste is beschilderd. Het is nog niet zo erg als de kerk van Habo die we vorige zomer zagen. Het heeft wel iets. Ook hier is een kleine sacristie. Bij het buitengaan zien we boven de inkomdeur het bordje: böj ditt huvud: buig je hoofd. Het deurtje is wel erg klein en laag. We besluiten aan de kerk te lunchen. Nog even tot rust komen in de schaduw van de auto en dan gaan we weer verder.

Via wat kleine wegen maar ook even de grotere komen we dan aan een parking waar een toiletgebouw staat en waar we ons chemisch toilet kunnen ledigen.

Aan mooi uitzicht geen gebrek. Nu ook dat weer in orde is, en we verder kunnen tot thuis, rijden we naar het Åsnen national park. We merken bij het oprijden van de parking al meteen dat we hier niet mogen overnachten. Jammer. Dit is best een klein nationaal park. Aan het begin staan enkele wegwijzers. We volgen deze naar het toilet maar komen eerst bij een informatiehuis en -punt. Hier wandelen we even naar het water en zien dan oranje bewegwijzering. Dit is de skogsslingan of ook wel lus door het bos. We nemen die en vertrekken inderdaad door het bos. Het paadje slingert langs het water tussen de bosbesplantjes door. Eigenlijk zo goed als vlak. Via een stuk beukenbos, gemengd bos en naaldbos met sparren en dennen komen we terug aan het infohuisje. Hierbij passeren we nog Trollberget: en rots met enkele spelonken. We nemen nog een kijkje en wandelen dan terug naar de auto.

Nu is het tijd om een slaapplek te zoeken. Iets verder aan de overzijde van het park, slaan we een grindweg in. Na even rijden vinden we een plekje aan de kant van een zo goed als ongebruikte weg.

Tijd om Timber uit te laten, snel een koude schotel ineen te flansen en dan wat te typen en tot rust te komen. We genieten van de hoorbare stilte. Net nadat ik met Timber het laatste rondje heb gewandeld, passeert er een wandelaar. Wij maken ons daarna verder klaar voor de nacht.

11 juli 2026

Ook nu weer rond zes uur wakker. Dit keer met minder goed voetbalnieuws. Ach ja. Tijdens mijn wandeling met Timber ontdek ik een meertje verborgen achter de bomen. Onderweg weigert Timber nog verder te gaan, snuffelend gaat zijn neus over het pad, daarna steekt hij zijn neus in de lucht en snuift eerst aan de ene boskant, dan aan de andere. Hoogstwaarschijnlijk is er recent een dier gaan drinken aan het meer. Na ons ontbijt gaan we door het struikgewas richting een ander meer aan de overkant van onze slaapplek. Ook al staat er een pijl naar een visplek die kant op, een pad is er niet te vinden. Maar desalniettemin is het uitzicht de moeite. We maken de auto startklaar en vervolgen de grindweg richting Boxholm. Daar in de COOP schaffen we ons een kaartje aan, muggenspul (na wat zoeken) en een taartje voor onszelf.

Nu moeten we terug naar Blåvik, maar uiteraard niet via dezelfde weg. Leon vindt een grindweg, die we volgen. Hierdoor komen we aan zalmtrappen, recent (2025) heraangelegd. Aan het water zijn enkele gezinnen de kano’s te water aan het laten. Wij vervolgen onze weg ook nu weer langs meren, door het bos tot in het stadje. We hebben geluk en kunnen de camper op het kerkplein onder een boom in de schaduw zetten. De zon zelf hangt nog achter enkele bomen. We willen het kerkje bezoeken maar dat kan niet. Er stapt juist een koppel binnen om te trouwen. Buiten het koppel, de pastor, een misdienaar en een ouderkoppel is er niemand in de kerk aanwezig. Terwijl we wachten, drinken we koffie en thee aan de auto, nadien laat ik Timber nog even uit. Al snel kunnen we de kerk toch bekijken. Het is een sobere Zweedse kerk maar het is wel fijn dat men achter het altaar door de ramen kan kijken en zo op het meer uitziet. De grind omheen de kerk is mooi opgerijfd voor de feestelijkheden.

We wachten nog even in de auto, kleden ons om want we zijn deze kant opgekomen om de trouw van een collega mee te maken. Ze weet niet dat we er bij zullen zijn, dus hopelijk is het een leuke verrassing. Langzaamaan stromen de genodigden toe. Ook een andere ex-collega zien we toekomen. Zij zal met haar zus de taak van babysit op zich nemen, als de volwassenen gaan feestvieren. We kletsen al wat bij. Dan worden we verzocht om in de kerk plaats te nemen. Wanneer iedereen zit, gaat de deur van de kerk dicht en wordt de suite samengesteld. Zo kunnen de koppels binnenkomen alsook de bruidskindjes. Dan leidt een fiere vader zijn dochter naar het altaar. Een mooie viering, met live gezongen muziek waarin de bruid en bruidegom de gehele viering blijven rechtstaan, wordt voorgegaan in het Zweeds, Engels en Nederlands. Mooi. Bij het buitengaan krijgt het koppel nog een douche van berkenblaadjes. De bruid is erg blij en verrast om ons te zien. Opzet geslaagd. We praten nog wat met het koppel, de ouders en de andere collega. Tussen de genodigden herken ik nog een oude bekende, een oude scoutsmakker van mijn broer, zijn vrouw van mijn zus. Nadat de genodigden met de boot vertrekken en de collega met de kleintjes huiswaarts keert, is het voor ons tijd om ook te vertrekken. Maar eerst kleden we ons terug om en gaan aan een picknicktafel ons taartje opeten.

Zo is het ook een beetje ons feest. We rijden een stukje dezelfde weg als gisteravond om zo richting Kisa te gaan. Daar gaan we naar de Tidersrum Kyrka. Deze is één van de merkwaardigste en best bewaarde houten kerken van Zweden. Ze lijkt een beetje op de kapel die we vorige zomer zagen: Fiskebäck kapell. Jammer genoeg is ze gesloten en kunnen we de muurschilderingen en het beeld van St Olav niet zien.

We maken nog een sanitaire stop en rijden via kleinere weggetjes naar het Norra Kvill National Park. We vinden een slaapplek, koken en maken tijd om het blog bij te werken.

10 juli 2026

Ook dit keer vroeg wakker, dus nog tijd voor een korte wandeling. De Notteryd Runt, een aangeduide wandeling door het natuurreservaat, vertrok aan beide kanten van de parking. We gingen voor het korte stuk, het lange zou helemaal om het meer gaan. Even een grindweg en dan het bos in, via een poortje konden we verder. Een groot deel van de omgeving was omringd met schrikdraad om de wilde zwijnen van de parking en de picknickplekken te houden. Na enkele honderden meters werd ons pad echter onderbroken door een omgevallen boom. Ik ben dan even op onderzoek gegaan en uiteindelijk toch het pad teruggevonden. Zo konden we onze wandeling verderzetten. Nadien nog even tot rust gekomen aan de rand van het meer.

Daarna gingen we op weg naar Eksjö. Onderweg kwamen we nog enkele kraanvogels tegen. Samen met Hjo en Nora behoort Eksjö tot de Tre Trästader. Eeuwenoude (16de – 17de – 18de eeuw) houten, kleurrijke huisjes domineren er het straatbeeld, ze worden begeleid door de geplaveide straten, zo vormen ze Gamla Stan en maken van de stad één van de best bewaarde houten centra van Europa. Ieder huis kreeg een informatiebord. De noordkant van de stad werd echter getroffen door vele branden en oorlogen zodat men daar eerder andere huizen vindt. We vonden een parkeerplek voor 4u op de parking van een supermarkt, waarna we op pad gingen. Fotogeniek zijn de huisjes wel. Op het pleintje aan de toeristische dienst vonden we in de kruidentuin het standbeeld van de sittande flicka ‘(het zittende meisje). Misschien niet zo bijzonder, maar zo zijn er over heel Zweden verschillende verspreid.

Rond het middaguur kregen we honger en besloten we om te gaan eten in de Amazing Steakhouse. We bestelden de dagensmenu: schnitzel met frietjes, saladbar en koffie of thee als afsluiter.

Zo konden we weer verder en trokken richting kerk. De Storegårdkyrkan is een vrij recent gebouw. Het werd gebouwd na de fusie van enkele parochies en werd in 2007 gewijd. Niet veel bijzonders aan de kerk. Binnen was een groep jongeren samen met hun begeleiders en de pastor aan het repeteren voor de mis van morgen. Zij hadden een maand een kamp (bezinning) achter de rug en dat zou dan de eindviering worden. Het leek een beetje op onze vormselvieringen, met handoplegging ed.

Na de kerk hadden we nog 1 doel want midden in de stad staat een verborgen parel onder de oude houten boerderijen: de Aschanska-boerderij. Hier krijg je een unieke inkijk hoe een rijke burgerfamilie (leerlooiers) leefde eind 19de begin 20ste eeuw. Het complex bestaat uit verschillende houten gebouwen om een binnenplaats.

Na het stadje ging het buiten Eksjö naar de Skurugatakloof. Een 800 meter lange kloof met een uitzichtpunt op 337 meter hoogte. Een kloof die op het smalste punt slechts 7 meter breed is en op het breedste 24. De zijwanden van de kloof kunnen tot wel 35 meter hoog zijn. Waarschijnlijk is dit veroorzaakt doordat een ijsrivier tijdens het smelten van de ijskap aan het einde van de ijstijd de kloof steeds verder heeft uitgesneden. Er zijn 3 wandelingen: de eerste is ook rolstoelvriendelijk en gaat alleen naar het uitkijkpunt, de tweede is de trail die door de provincie loopt en de derde is deze die door de kloof zelf gaat en deze die op onze planning staat. Op de parking is het stapschoenen aan en voor Leon een stok mee. En dan op pad. Het eerst stuk gaat licht glooiend door het bos. En dan komen we ter hoogte van de kloof. Hier gaat het op momenten erg naar beneden en even later naar stevig naar boven. Een pittige wandeling, goed uitkijkend waar stappen maar niet echt gevaarlijk. Wel enorm spectaculair. Echt de moeite. Nadat je de kloof bent doorgeraakt, leidt het pad je nog naar het uitzichtpunt en kan je via het rolstoelpad weer naar de auto’s. Na de wandeling trakteren we onszelf op een stukje KEX en een frisdrankje.

Vanaf de wandeling gaat het dan richting Blåvik, waar we morgen moeten zijn. We kiezen voor de langere weg. Over grindweggetjes, langs meren, tussen bomen en … met een ferry. Deze kleine ferry gaat tussen Torpön en Blåvik. Terwijl we staan te wachten op de schipper wandelt een Oma met kleinzoon over de kade en komt verschillende keren langs onze auto: fin bil, nice car. Ook de kleinzoon is in de ban, gaat aan de banden voelen (ze zijn groter dan hemzelf) en vindt alles erg interessant. Dan mogen we aan boord. We = 2 auto’s. De schipper komt even een praatje maken en is blij dat het in het Zweeds kan. Ook hij vindt het een fin bil, klaar voor äventyr. En dan trekt de boot zich aan een kabel naar de overzijde. Zo kunnen we verder en rijden naar het stadje op zoek naar een slaapplek maar het Sommenmeer blijkt erg in trek en de kustlijn is volgebouwd. We proberen nog op het kerkplein maar daar is het druk en nog volop zon. Dan maar naar het bos op een kwartiertje rijden. Uiteindelijk vinden we een slaapplek, eten nog een hapje en door het slechte internet kunnen we niets aan het blog doen. Dan maar naar bed.

9 juli 2026

Rond 6u wakker, dat maakt dat we besloten om toch nog een wandeling te maken in de omgeving. Rond 8u op pad. Het was even zoeken in de buurt van het slot waar juist het begin van de wandeling was, maar eens die gevonden ging het mooi glooiend door het bos en enkele weilanden met schapen en koeien. Op zeker moment komen we aan een picknickplek, met grillplaats en WC. Even pauze. Niet veel verder botsen we op Trädhuset wat zoveel betekent als boomhuis of boomhut. De hut wordt blijkbaar gebruik als restaurant of iets dergelijk, maar vandaag gesloten. Wel konden we aan een kraantje water tappen, waarbij we ons drinkflesje nog eens vulden.

We hebben een eigen route gewandeld en hebben zowat alle kleurtjes van de markeringen gevolgd. Na de boshut ging het vooral naar beneden richting het meer. Daar even Timber laten zwemmen, appel gegeten en dan weer verder. Na net geen 3u en bijna 7,5km waren we weer aan de auto. Na een kopje thee en koffie ging het dan richting Växjö. Onderweg passeerden we Älmhult, de enige plaats in de wereld met een IKEA-museum en dito hotel. Växjö is de meest groene stad van Europa. De natuur is overal dichtbij: meer dan 200 meren en 23 natuurreservaten vind je in de omgeving van de stad. Naast de natuur staat de stad ook gekend om hun milieu-inspanningen en duurzame initiatieven. Je vindt er bijvoorbeeld de langste autovrije winkelstraten van Zweden. Voorts kreeg Växjö de titel Matlandethuvudstaden, wat zoveel betekent als Voedselhoofdstad. Deze titel verdiende de stad omdat de restaurants er gebruik maken van primaire grondstoffen en producten uit de directe omgeving. Uiteraard mag de glaskunst niet ontbreken in het rijtje van zaken waar de stad om gekend staat. Wij vonden er een parking waar ik even een praatje deed met de parkeerwachter om dan naar het centrum te gaan. Eerst en vooral gingen we op zoek naar een plekje om te lunchen. Bij Sit en Go vonden we een plekje op het terras. We bestelden de fiskdagenslunch. Terwijl ik binnen de bordjes vulde met lekkers van de saladbar, werden de borden met de vis al gebracht. We sloten af met een kopje koffie en thee vergezeld van enkele koekjes.

Na de lunch trokken we door de winkelwandelstraten richting de kathedraal.

Deze is met zijn groene torens en rode baksteen een duidelijk herkenningspunt voor de stad. In de kerk vind je prachtig glaswerk. Zelfs de doopvont bestaat uit glas (en steen). De kerk heeft het zwaar te verduren gehad, ze is meerdere keren afgebrand en weer gerenoveerd. De oudste overblijfselen dateren van de 16de eeuw die vooral te vinden zijn in de kalkstenen schilderijen van de zijkapel. Het altaarstuk is zeer recent (2002) en trekt de meeste aandacht. Het is echt adembenemend mooi. We gingen zoals gewoonlijk om beurten in de kerk.

De kerk is omgeven door een park: Linnéparken, genoemd naar de Zweedse botanicus, arts en bioloog: Carl von Linné. Vooral de speeltuin trekt de aandacht met het bloemenkasteel, de gigantische klok en het bos van paardenstaart. Maar in het park zijn het vooral de bloemperken, de vijver en de waterpartij die met de aandacht gaan lopen.

Alles werd aangeplant naar het idee van Linné zelf. Bij het verlaten van het park, stak er nog een eekhoorntje de weg over om daarna in een boom zich gaan te verschuilen.

Na het park wandelden we even naar het water om dan stilaan weer terug naar de auto te gaan. Bij het buitenrijden van de stad passeerden we nog het voetbalstadion en enkele kleurrijke appartementsgebouwen. Bij de Circle K konden we water halen, dus de watertank weer gevuld. Nadien nog even een stop bij de Maxi ICA voor wat fruit en een ijsje. Daarna ging het richting Hissö naturreservat. Dit lig in het Helgasjön op het groene eiland. Het reservaat bestaat uit een 150 -200 jaar oud beukenbos. Naast beuk vind je er ook eik, esdoorns, lijsterbes en esp. Korstmossen, schimmels en insecten hebben er hun thuisbasis, evenals vleermuizen en vele vogelsoorten. Het eiland beschikt zelfs over hondenbadplaatsen. We reden er een rondje en stopte aan 1 van de badplaatsjes, al dan niet voor een hond.

Terwijl Leon een slaapplekje zocht, heb ik bosbesjes geplukt. Mmm lekker, mijn dag kan niet meer stuk. Op het eiland ligt ook de kasteelruïne van het 14de eeuws Slott Kronoberg. Dit fort was een belangrijk onderdeel in de verdediging tegen Denemarken omdat de oude grens met Denemarken tot aan het kasteel liep. In de 16de eeuw werd het door Koning Gustav Vasa uitgebreid tot een sterke vesting met zelfs meer dan 50 kanonnen. Na het verdrag van Roskild werd de grens met Denemarken verlegd naar de Öresund. Hierdoor kwam het slot langzaamaan in verval. Jammer genoeg is de ruïne nu ten gevolge verwaarlozing en instortingsgevaar niet (meer) toegankelijk voor het publiek. Toch namen we er nog even een kijkje. Het was er erg druk vooral ter hoogte van het restaurant. Hierna was het tijd om naar een slaapplek te rijden. We staan hier op een parking aan het Notteryd naturreservat. Voor ons avondmaal maken we gebruik van de picknicktafel. Erg handig: er is hier ook een toilet.

8 juli 2026

Na behoorlijk te hebben geslapen werden we rond 6u wakker. Een kort rondje om de parking met Timber. Terwijl het water opwarmde, werd het WC-gebouwtje al schoongemaakt. Net toen we wilden verder rijden, werden de achterburen wakker, dus konden we nog snel afscheid nemen. Iets verder dan de slaapplek nog enkele liters diesel getankt om zeker toe te komen tot in Malmö, waar de diesel beduidend goedkoper is. En dan richting de Øresundbrug. In de omgeving van Kopenhagen passeer je dan de laatste afrit in Denemarken, via een 4,5km lange tunnel kom je uiteindelijk op de 16km lange brug. Ongeveer halverwege passeer je het bordje “Sverige”. Het blijft altijd een unieke ervaring om langs deze weg Zweden binnen te rijden. Zeker op dagen als vandaag wanneer de zon goed aanwezig is.

Eens de brug over ging het richting Höör. Ten zuiden van Höör liggen twee grote meren: het Östra en het Västra Ringsjön. Ze worden gescheiden door een schiereiland. Hierop bevindt zich een prachtig landgoed met het historische Bosjöklooster. Dit werd gebouwd rond het jaar 1080. Het groeide als snel uit tot één van de rijkste kloosters van Skåne. Rijke Zweden betaalden behoorlijk veel geld om hun dochters hier te mogen plaatsen. Doorheen de jaren veranderde de functie van het complex en sinds 1962 is het opengesteld voor het publiek. Het klooster is omgeven door een brede vestigingsmuur. Je kan er genieten van de rozentuin, kruidentuin, mooi onderhouden gazons en verschillende terrassen,. Door de oude bomen, het water, kortom de omgeving, straalt alles wel rust uit. De 1000-jarige eik bezoeken, waarvan wordt gezegd dat hij de oudste van Skåne is, mag natuurlijk niet ontbreken.

Van daaruit ging het naar Lenas Old Fashion Café in het centrum van het stadje. Dit is een sfeervol in huiskamerstijl ingericht cafeetje voor ontbijt, lunch en met veel (huisgemaakte) taarten. Wij gingen er lunchen in de tuin: een grote gepofte aardappel geserveerd met rauwe groenten en een typisch Zweeds garnaalslaatje. Lekker.Een leuk weetje over de naam Höör. Vroeger was het de gewoonte in Zweden om de lokale post met de eigen plaatsnaam aan te duiden namelijk Här (alhier). Maar mits wat onduidelijke schrijfwijzen gebeurde het vaak dat de post dan bij Hör aankwam. Om vergissingen te vermijden in de toekomst, werd er op vraag van de Zweedse posterijen een tweede ö toegevoegd tot de naam die nu nog steeds dienst doet: Höör.

Enkele kilometers verder kwamen we dan bij Forstavallen naturreservat. Hier maakten we een wandeling om Växsjön. Een redelijk vlak pad leidde ons door een groot loofbomenbos. Het eerste stukje was nog wel druk omdat we hier de dorpsbadplaats passeerden. Op sommige plekken in het bos hadden enkele gezinnen grote tenten opgezet om er een aantal dagen te kamperen.

Via de kleinere weggetjes reden we naar Naturområde Hovdala in de omgeving van Hässleholm en bij het Finjasjön rond het Hovdala slot. Het gebied bestaat uit drie deelgebieden: een deel ten zuiden van het kasteel, een deel Dalleröd en het derde bij het meer: Björkviken. Zo’n groot gebied met gemengde boomsoorten en dood hout is ongekend in Zweden. Hier groeien verschillende zeldzame planten, tref je er bijzondere vogels en insecten en bevinden er zich 18 van de 19 Zweedse vleermuissoorten. Het kasteel zelf bestaat uit een herenhuis, een poortgebouw, een orangerie en een schuur. Het werd in de 16de eeuw gebouwd en speelde een belangrijke rol in de Zweeds-Deense oorlogen. Hiervan kan je op de toren nog sporen zien. Na de oorlogen werd het domein omheen het slot ontwikkeld tot landbouwgebied met stoeterij. Net voor WOII, ging de landeigenaar failliet en nam het leger het domein over als oefenterrein. De bosbouw stopte toen. Hierdoor is er nu zo’n unieke fauna en flora. Na 1950 kwam het domein dan in handen van de staat.

Om het kasteel bevinden er zich verschillende wandelroutes waaronder de langeafstandswandeling de Skåneleden. Wij beperkten ons tot een kleinere rondwandeling over het domein.Na ons bezoek aan het slot, besloten we om op de parking te blijven slapen. Ons avondmaal was erg makkelijk: koude boontjes, aardappelsla en gehaktballetjes. Na het avondeten nog een wandeling gemaakt door het bos hier omheen. Snel de tekst getypt en vroeg naar bed.

6/7 Juli 2026

Het wordt zo stilaan een traditie dat we ‘s avonds vertrekken richting een slaapplek in Nederland. Ook vandaag dus. Via de Liefkenshoektunnel, Breda en Tilburg bereiken we iets na 21uur Oss. We kunnen bijna op ons vertrouwde plekje staan. Terwijl ik met Timber een rondje over het gras aan de grote parkeerplaats loop, klapt Leon het dak open. We staan niet alleen: er staan al 3 campers.

We gaan met spanning slapen gezien de hele heisa in het voetbal. Wat gaan de Rode Duivels doen vannacht?Na een rustige nacht worden we vroeg wakker met het geweldige voetbalnieuws. We zijn geen van beide voetbalfans, maar dit nieuws was toch meer dan oké. Vannacht kwamen er nog 3 campers bij. Na de gebruikelijke routine vertrekken we richting autosnelweg. Dit keer via een alternatieve weg, waarschijnlijk omdat de andere weg gesloten is doordat ze de bomen aan het snoeien zijn. Leuk om zo ook te zien dat er een water ligt met verschillende platboten.

Bij het laatste stuk naar de boot, valt het ons op dat er ondertussen hard is gewerkt aan de voorbereidingen van de nieuwe tunnel tussen Duitsland en Denemarken. Een deel van de rijweg is verlegd en verderop in de berm worden 5 treinsporen naast elkaar gelegd. Door de felle wind is het voor niet geladen vrachtwagens en caravans verboden om de brug naar de boot te nemen.Dan komen we aan bij de boot. Het inchecken gaat vlot, wij rijden naar lane 2 en staan 2de in de flex-rij. Op het aankondigingsbord verschijnt dat de boten van 17u45 en 18u15 beide bijna 30 minuten vertraging zullen hebben. Wij staan iets na 17u in de rij en na het bericht te hebben gelezen, wil ik me klaar maken om Timber uit te laten, maar blijkbaar is er toch nog een boot waar we op kunnen. Het inschepen gaat vlot en voor we het goed en wel weten, is de boot al aan het varen. Voor het eerst ervaren we toch een wat woelige zee. De stoelen worden vanzelf over het dek geschoven door de wind. Recht blijven staan is een hele kunst. We drinken even een (gratis) kopje thee en koffie en dan zijn we al aan de overzijde. We kunnen bij de eersten van boord en vervolgen onze route richting ons vast plekje ter hoogte van parking Håred. Tijd om de spaghetti te koken en de saus op te warmen.

Op de snelweg is het druk en file krijgen we ter hoogte van Arnhem. We laten de GPS zijn werk doen en rijden een stuk over de provinciale weg. Zo komen we tussen het groen van de Veluwezoom en passeren door Beekbergen. Onderweg spotten we enkele ooievaars. Eens we daar voorbij zijn, gaat het vlotter, zelfs ter hoogte van de grenssluis. We drinken koffie en thee op de parking naast de grenspost en laten Timber even uit. Daarna gaat het weer de snelweg op. Na een stevige tankbeurt en een uurtje later de lunch rijden we naar de file ter hoogte van Bremen. Het ongeval dat al enige tijd was aangeduid op de GPS, is afgehandeld maar ter hoogte van de werken moet iedereen van 4 rijstroken naar 2 terwijl er ook nog 3 extra invoegstroken zijn. We krijgen weer een beetje Kennedytunnelvibes. Eens iedereen op de 2 rijstroken rijdt, gaat het weer zoals het hoort. Langzaamaan verandert het weer van zonnig en warm naar bewolkt en grijs. Eens ter hoogte van Hamburg begint de regen, af en toe gevolgd door een opklaring. Nog een dik uur voor Puttgarden houden we een laatste maal halt, laten Timber uit wanneer het even droog is. Daarna eten we onze appel. Dan gaat het in rechte lijn richting boot. Onderweg nog wat gemiezer.

Na de afwas worden we vergezeld door een Belgische camper. Het is mijn collega Anke en haar gezin die, net als wij, op weg zijn naar Zweden. Het wordt nog een gezellige babbelavond voor we moe ons bed in kruipen.