9 september 2022
Na een wat rumoerig wekken door het leegmaken van de glascontainer rond 6 uur en een kraaiende haan, bleek er vooral regen aanwezig te zijn. Zo erg dat buiten water koken niet zou lukken. Dan maar het vuurtje binnen geprobeerd. Dat ging vlot. Koffie en thee gezet en dan Timber uit de bench gelaten. Met 3 op weg naar de bakker om … een jeton voor water. Deze is gratis wanneer je iets aankoopt bij 1 van de lokale handelaars, in ons geval de bakker. Eens weer aan de auto was het nog steeds aan het regenen, dan maar binnen ons lekkers (croissants en viennoiserie) verorberd.


In de regen onze auto verzet en met behulp van de jeton onze watervoorraad aangevuld.
Met weer een volle watertank op pad ditmaal richting Douai. Vermits het daar al zeker tot 12 uur zou regenen maar via de kleine weggetjes en zelfs enkele malen offroad gereden. Jammer genoeg ook hier verschillende weggetjes verboden toegang voor auto’s en/of moto’. Maar door de regen kon Leon toch wel zijn hartje wat ophalen in de plassen.



We zijn tenslotte tot in Douai geraakt en moesten daar noodgedwongen onze lunch in de auto opeten. Nadien dan toch maar door de regen de stad in.
Douai was vroeger het centrum van het Franse kolengebied. De laatste mijn werd in 1990 gesloten. Het was eerst een Vlaamse stad onder de naam Dowaai. In de 16de eeuw werd er een universiteit opgericht van de faculteit rechten. Bij het binnenrijden van de stad passerden we een redelijk modern gebouw van deze faculteit. Ik was echter niet snel genoeg om er een foto van te maken. Voor ons werd de eerste stop het belfort. Dit zou het mooiste belfort van de streek zijn en tevens gespaard gebleven van verwoestingen. Net als vele andere belforten uit de streek staat het op de UNESCO Werelderfgoed lijst. We kunnen weer een vinkje zetten. De grote gotische toren valt op. Deze bevat 62 klokken en zou daarmee het grootste klokkenspel van Europa zijn. Deze klokken regelen de tijd en geven per kwartier verschillend, een melodie.



Een paar straatjes verder vind je een voormalige kloosterkerk, de grootste van Noord-Frankrijk: Collégiale Saint-Pierre. Opvallend is de grote stenen klokkentoren en geen bakstenen terwijl de rest van de kerk dat wel is. Binnen bevinden zich verschillende kunstschatten evenals een majestueus orgel.





Eens weer buiten uit de kerk was het eindelijk gestopt met regenen. Zo konden we nog even de stad intrekken. We wilden l’église Notre Dame een bezoekje brengen, de oudste kerk van Douai, maar die bleek grotendeels in de stellingen te staan en werd gerestaureerd. Daardoor kon ze ook niet worden bezocht.
Haar imposante buur konden we wel bekijken: Porte de Valenciennes. Deze werd in de 15de eeuw gebouwd en was één van de belangrijkste toegangspoorten tot de stad. Ze werd gebruikt door Lodewijk de XIV bij zijn blijde intrede.



Via enkele oude straatjes ging het langs de vismarkt richting Palais de Justice. Dit moderne gebouw ligt in het verlengde van het 18de eeuwse Parlement de Flandre. Zo hadden we de belangrijkste bezienswaardigheden die met hond te bezichtigen zijn, gezien en was het tijd om naar de auto terug te keren.


Eens in de auto volgde er een stevige, nieuwe bui.
Vertrokken uit de stad reden we richting nieuwe slaapplek. Volgens de app een rustige plek maar daar aangekomen bleek de plek vies en vuil, hadden ze net een boel rotzooi opgestookt en lag de plaats vlak aan de weg. Dan maar naar elders. We staan nu net in België naast de Schelde op parking Scheldekade te Bléharie,provincie Henegouwen. Gelukkig konden we droog eten, afwassen en met Timber langs het jaagpad wandelen.

























































































































































































































































































































































